Overeenkomstig de wet van 21 december 1994 heeft het Instituut voor de Nationale Rekeningen (INR) de cijfers van de economische begroting meegedeeld aan de minister van Economie. Deze macro-economische vooruitzichten dienen als basis voor de begrotingscontrole voor het jaar 2008. In vergelijking met de vooruitzichten van januari 2008, werd de groeiraming van het bbp in volume herzien van 1,9 % tot 1,7 %. De binnenlandse werkgelegenheid zou in 2008 gemiddeld met 56 300 personen toenemen en de consumptieprijsinflatie zou op 4,6 % uitkomen.
De bbp-groei in de eurozone zou dit jaar terugvallen tot 1,7 %, na 2,6 % in 2007. Na een onverwacht sterk eerste kwartaal, zou de economische groei aanzienlijk vertragen in de rest van het jaar. De mondiale groeivertraging en de sterke appreciatie van de euro zouden wegen op de uitvoer, terwijl de particuliere consumptie afgeremd wordt door de oplopende inflatie en de beperktere jobcreatie. Niettemin zou de groei in de eurozone, net als vorig jaar, de Amerikaanse economische groei overstijgen die zou terugvallen tot 1,2 % (na 2,2 % in 2007). In de VS blijven de woninginvesteringen wegen op de groei en wordt de particuliere consumptie gefnuikt door een negatief vermogenseffect (door de forse daling van de huizenprijzen), een stijgende werkloosheid, een oplopende inflatie en strengere kredietvoorwaarden.
De sterke toename van de grondstoffenprijzen op de internationale markten heeft de inflatie wereldwijd aangewakkerd en de vrees voor een bestendiging van die hogere inflatie gevoed. Daardoor houden de financiële markten nu rekening met een restrictiever monetair beleid en is de langetermijnrente fors toegenomen tijdens de afgelopen maanden. De wisselkoers- en de olieprijshypothesen zijn zoals gebruikelijk gebaseerd op termijnmarktnoteringen (die dateren van begin juni). Op jaarbasis zou de wisselkoers van de euro op 1,54 dollar per euro uitkomen (tegenover 1,37 in 2007) en zou de ruwe olieprijs gemiddeld 118 dollar per vat bedragen (tegenover 72,5 dollar vorig jaar). De evolutie van de olie- en andere grondstoffenprijzen blijft evenwel onzeker. Daarnaast blijft het risico op een Amerikaanse recessie bestaan, wat de groeivooruitzichten voor de eurozone verder zou aantasten.
De Belgische economie groeide in 2007 met 2,8 %. Sinds het vierde kwartaal van 2007 werkt de verzwakking van de uitvoer en van de particuliere consumptie echter een zekere vertraging van de economische groei (tot 0,5 % per kwartaal) in de hand. Vanaf het tweede kwartaal zou de groei van de Belgische economie verder afkoelen tot gemiddeld 0,2 %. De bbp-groei in volume komt daardoor uit op 1,7 % in 2008.
De uitvoergroei zou dit jaar vertragen tot 3,3 %, tegenover 3,8 % in 2007, als gevolg van de groeivertraging op de buitenlandse afzetmarkten (5,6 %, tegenover 6,2 % in 2007). De Belgische uitvoer zou dus opnieuw fors terrein verliezen op de buitenlandse markten. De invoergroei zou eveneens afkoelen, maar wel hoger blijven dan de uitvoergroei. Samen met een sterke ruilvoetverslechtering (-1 %) als gevolg van de oplopende olieprijzen, doet dat het overschot op de lopende rekening dit jaar krimpen tot nauwelijks 0,3 % van het bbp, tegenover 1,9 % in 2007.
De groei van de binnenlandse vraag zou dit jaar verzwakken tot 2,3 %, tegenover 3,4 % in 2007, onder invloed van de particuliere consumptie, de bedrijfsinvesteringen en de investeringen in woongebouwen.
De voorbije twee jaar nam het reëel beschikbaar inkomen van de gezinnen aanzienlijk toe onder impuls van de sterke werkgelegenheidstoename, de hervorming van de personenbelasting, de stijging van de lonen vóór indexering en het inkomen uit vermogen. Dat weerspiegelde zich ook in het consumentenvertrouwen, dat tot midden 2007 op een hoog niveau is gebleven. De particuliere consumptie was vooral in 2007 bijzonder dynamisch, met een groei van 2,6 %. Dit jaar zou de koopkracht stagneren door een beperktere toename van de werkgelegenheid en van de inkomens uit vermogen en vooral door de versnelling van de inflatie. In het bijzonder de stijging van de energieprijzen tast de koopkracht aan omdat die prijzen slechts gedeeltelijk zijn opgenomen in de gezondheidsindex, die gebruikt wordt om de lonen en de sociale uitkeringen aan te passen aan de gestegen levensduurte. Bovendien reageert de indexering met vertraging op de evolutie van de prijzen, wat de koopkracht verder aantast bij een inflatieversnelling. De gezinnen zouden daarop reageren door een kleiner aandeel van hun inkomen te sparen (de spaarquote zou terugvallen tot 11,7 % van het beschikbaar inkomen), waardoor de particuliere consumptie nog toeneemt met 1,4 %.
Met een toename van 8,2 %, vormden de bedrijfsinvesteringen (ongerekend de aankoop van overheidsgebouwen) de belangrijkste groeimotor van de Belgische economie in 2007. Sedert 2004 groeien zij merkelijk sterker dan het bbp, en dat zou zo blijven in 2008, met een volumegroei van 6,3 %. De sterke investeringsgroei in 2008 is in belangrijke mate toe te schrijven aan een zeer gunstig overloopeffect vanuit 2007 en een nog behoorlijke investeringsgroei in het eerste kwartaal van 2008. Vanaf het tweede kwartaal van dit jaar zou de groei van de bedrijfsinvesteringen immers fors terugvallen in lijn met de economische groei, wat zich ook weerspiegelt in de indicator van het ondernemersvertrouwen. Dat vertrouwen brokkelt af sedert midden vorig jaar, maar bevindt zich nog steeds op een relatief hoog niveau. Enkel de capaciteitsbezettingsgraad, die hoog gebleven is tijdens de afgelopen kwartalen, zou de investeringsgroei ondersteunen.
Met een volumegroei van 5,3 % zetten de investeringen in woongebouwen in 2007 andermaal een sterke prestatie neer, ook al vertraagde de activiteit duidelijk in de loop van het jaar. Die groeivertraging zou zich in de loop van 2008 doorzetten onder druk van de ongunstige koopkrachtontwikkeling en de toegenomen financieringskosten (hogere hypothecaire rente). Daardoor zou de volumegroei van de gezinsinvesteringen dit jaar verzwakken tot 1,3 %.
De versnelling van de groei van de overheidsconsumptie in 2008 stemt overeen met de impact van de overheveling van de dekking van de kleine gezondheidsrisico’s van de zelfstandigen van de particuliere naar de publieke sector, met een neerwaarts effect op de particuliere consumptiegroei tot gevolg. De overheidsinvesteringen zouden licht terugvallen in 2008, wat het gevolg is van de geplande toename van de verkoop van overheidsgebouwen (werkt negatief in op de groei van de overheidsinvesteringen en positief op de groei van de bedrijfsinvesteringen). Gezuiverd voor de invloed van die factoren zou de volumegroei van de overheidsuitgaven (consumptie en investeringen) licht hoger uitkomen dan de groei van het bbp.
De binnenlandse werkgelegenheid nam in 2007 toe met 72 600 personen. In de loop van 2008 verzwakt de jobcreatie als gevolg van de minder sterke economische groei. Geholpen door de sterke dynamiek in 2007, zou de werkgelegenheid dit jaar toch nog gemiddeld met 56 300 personen toenemen. De werkgelegenheidsgraad stijgt daardoor van 62,9 % in 2007 tot 63,3 % in 2008. De werkgelegenheid neemt sterker toe dan de beroepsbevolking, wat resulteert in een verdere daling van het aantal werklozen. De geharmoniseerde Eurostat-werkloosheidsgraad (berekend op basis van de arbeidskrachtenenquête) zou afnemen van 7,5 % in 2007 tot 6,9 % in 2008.
Tijdens de eerste drie kwartalen van 2007 bedroeg de inflatie, gemeten aan de hand van de jaar-op-jaargroei van het nationaal indexcijfer van de consumptieprijzen (NICP), minder dan 2 %. Sinds oktober 2007 werd een duidelijke toename van de inflatie opgetekend (tot 5,2 % in mei 2008) die het gevolg is van de stijging van de prijzen voor energie- en voedingsgrondstoffen op de internationale markten, de verhoging van de transport- en distributienettarieven voor aardgas en elektriciteit in januari 2008, en bijkomende tariefverhogingen door de meeste aardgasleveranciers. De noteringen op de termijnmarkten van begin juni geven aan dat de grondstoffenprijzen zich, na een sterke toename in de afgelopen maanden, nagenoeg zouden stabiliseren tot eind 2008. Bijgevolg zou de inflatie nog enkele maanden op een hoog niveau blijven en pas vanaf het vierde kwartaal geleidelijk terugvallen. Op jaarbasis zou de inflatie versnellen van 1,8 % in 2007 tot 4,6 % in 2008.
De onderliggende inflatie is sinds 2007 licht teruggevallen dankzij de appreciatie van de euro en de toenemende internationale concurrentie die de prijzen van ingevoerde niet-energetische producten drukt. Naar het eind van dit jaar toe zou de onderliggende inflatie echter beginnen versnellen naarmate de toename van de grondstoffenprijzen en de nominale lonen doorsijpelt in de prijzen van andere goederen en diensten.
De gezondheidsindex zou met 4,0 % toenemen in 2008, tegenover 1,8 % in 2007. Die versnelling is minder uitgesproken dan die van het NICP omdat de gezondheidsindex niet beïnvloed wordt door het prijsverloop van benzine en diesel.
Het weze vermeld dat in deze inflatievooruitzichten rekening wordt gehouden met observaties tot de maand mei. Op 1 juli zal het Federaal Planbureau nieuwe inflatievooruitzichten publiceren op basis van de meest recente noteringen voor de wisselkoersen en de grondstoffenprijzen. Daarbij zal ook rekening worden gehouden met het zopas gepubliceerde inflatiecijfer voor de maand juni. De kans is reëel dat de overschrijding van de volgende spilindex niet in oktober, maar reeds in september 2008 zal plaatsvinden.
In de periode 2007-2008 zou de gecumuleerde toename van de nominale loonkosten per uur in de marktsector 7,4 % bedragen, wat betekent dat de 5 %-norm uit het interprofessioneel akkoord van februari 2007 ruimschoots zou overschreden worden. Die overschrijding is te wijten aan de hoger dan verwachte inflatie (en dus loonindexering) in 2008 en een sterker dan voorziene groei van de bruto-uurlonen vóór indexering in beide jaren. De werkgeversbijdragen zouden daarentegen een matigende invloed uitoefenen op de ontwikkeling van de loonkosten.
Voor meer informatie:Filip Vanhorebeek, 02/507.74.12, fvh@plan.be
Bovenstaande HTML-versie van het communiqué bevat doorgaans niet alle informatie van de PDF-versie. Voor een volledige versie (met grafieken en tabellen), download het communiqué in PDF-formaat hieronder of in het kader 'PDF & downloads' rechtsbovenaan.