Uw selectie heeft betrekking op het thema 'Vooruitzichten op middellange termijn', u kunt een groter aantal documenten verkrijgen door het hoofdthema 'Alle thema's' te selecteren dat zich bovenaan in de linkerkolom bevindt.
Op 17 juni 2013 stellen het Federaal Planbureau (FPB), het Brussels Instituut voor Statistiek en Analyse (BISA), de Studiedienst van de Vlaamse Regering (SVR) en het Institut wallon de l’Evaluation, de la Prospective et de la Statistique (IWEPS) de resultaten van nieuwe regionale economische vooruitzichten voor de periode 2013-2018 voor.
De economische activiteit in België stagneert sinds midden 2011. Volgens de "Economische vooruitzichten 2013-2018" zou de Belgische economie opnieuw aanknopen met een beperkte positieve groei. Dat scenario gaat echter gepaard met belangrijke onzekerheden.
In the recent past, medium-term projections were given less attention than short-term analyses. However, things appear to have evolved and mid-term prospects seem to be enjoying a renewed interest. Since the outbreak of the financial crisis, many countries have been confronted with large imbalances in terms of high unemployment, unused production capacities or financial deficits. In the longer term, demographic changes, including population ageing, are likely to cause massive changes in the composition of GDP. Addressing these various challenges can only be considered in the context of medium- and long-term scenarios.
Dit rapport presenteert de resultaten van de regionalisering van de nationale economische vooruitzichten van het Federaal Planbureau voor de periode 2012-2017. Net als de vorige rapporten , is dit rapport het resultaat van een samenwerking tussen het Federaal Planbureau en de studiediensten van de drie Belgische gewesten (BISA, IWEPS en SVR ).
Dit project werd gefinancierd in het kader van het programma “Wetenschap voor een duurzame ontwikkeling”. Hij is een “cluster” van 4 projecten die uitgevoerd zijn binnen het programma:
Professionele verplaatsingen en bedrijfswagens
Lange termijn effecten van beleidsmaatregelen op de mobiliteit in België
Duurzaam eindgebruik en biobrandstoffen
Onderzoek naar milieuvriendelijke voertuigen
De workshop wordt voorafgegaan door een lunch. In de voormiddag vindt het colloquium betreffende de voorstelling van de nieuwe langetermijnvooruitzichten voor transport in België waarop u wordt uitgenodigd door de FOD Mobiliteit en Vervoer en het Federaal Planbureau. De workshop vindt plaats op 18 september in de namiddag op de FOD Mobiliteit en Vervoer.
Op maandag 14 mei 2012 presenteert het Federaal Planbureau zijn nieuwe economische middellangetermijnvooruitzichten die dit jaar betrekking hebben op de periode 2012-2017. De Economische Vooruitzichten 2012-2017 voor België situeren zich in een context van begrotingssanering en zwakke economische groei in Europa.
Op 23 juni 2011 stellen het Federaal Planbureau (FPB), het Brussels Instituut voor Statistiek en Analyse (BISA), de Studiedienst van de Vlaamse Regering (SVR) en het Institut wallon de l’Evaluation, de la Prospective et de la Statistique (IWEPS) de resultaten van een nieuwe regionale economische projectie voor.
Uitgaande van ervaringen uit het verleden, kwamen nationale en internationale organisaties al snel tot de consensus dat de crisis die in 2008 uitbrak een langdurige impact zou hebben op het outputniveau. Een initiële kwantificering van het potentieel outputverlies voor België dat te wijten is aan de crisis werd voorgesteld in WP 10-9. Deze Working Paper levert een actualisering van die analyse en onderzoekt aan de hand van de opeenvolgende projectieherzieningen van het Federaal Planbureau hoe de perceptie van de crisis over de laatste twee jaren is geëvolueerd en wat de implicaties daarvan zijn op middellange termijn. Het verlies aan potentiële output wordt momenteel geraamd op iets minder dan 3 % en ligt daarmee dicht bij het geschatte verlies voor de OESO-landen.
De Heer Henri Bogaert, Commissaris bij het Plan, en Dr. Philippe Mettens, Voorzitter van het Directiecomité van het Federaal Wetenschapsbeleid, nodigen u van harte uit op de workshop m.b.t. de voorstelling van de conclusies van LIMOBEL.
Deze workshop heeft plaats op dinsdag 29 maart 2011 om 9u30 op het Federaal Planbureau.
Op 9 juli 2010 stellen het Federaal Planbureau (FPB), het Brussels Instituut voor Statistiek en Analyse (BISA), de Studiedienst van de Vlaamse Regering (SVR) en het Institut wallon de l’Evaluation, de la Prospective et de la Statistique (IWEPS) de resultaten van een nieuwe regionale economische projectie voor.
Die vier instellingen hebben een regionaal en sectoraal macro-economisch model ontwikkeld (HERMREGgenaamd) dat het mogelijk maakt de belangrijkste resultaten van de vooruitzichten die het FPB jaarlijks publiceert voor België, regionaal uit te splitsen. Dit modelleringstype waarborgt de samenhang tussen de nationale projectie en de regionale projecties. De resultaten die vandaag voorgesteld worden, zijn gebaseerd op de ‘Economische vooruitzichten 2010-2015’ die in mei van dit jaar verschenen. De projectie houdt rekening met een internationale context die gekenmerkt wordt door een economisch herstel dat zich wereldwijd aankondigt in 2010-2011 en op middellange termijn aan kracht wint, maar in de eurozone bescheiden blijft. Na de recessie in 2009, zou de groei voor België in zijn geheel tussen 2010 en 2011 rond 1,5 % per jaar liggen en nadien boven 2 % uitstijgen.
De wereldeconomie kwam in de loop van 2009 uit de recessie en kende een krachtiger herstel dan de meeste analisten hadden voorzien, voornamelijk onder impuls van de grote opkomende Aziatische economieën en de Amerikaanse economie. De belangrijke budgettaire en monetaire relancemaatregelen en de operaties ter ondersteuning van de financiële sector verklaren grotendeels die herleving. De internationale organisaties gaan momenteel uit van een economisch herstel dat zich wereldwijd bevestigt in 2010-2011 en op middellange termijn aan kracht wint, maar in de eurozone eerder bescheiden blijft (1,2% in 2009, 1,5% in 2010 en 2,1% over de periode 2012-2015).
De concepten ‘potentiële groei’ en ‘output gap’ vormen belangrijke instrumenten om de conjuncturele positie van een economie en haar productiecapaciteit te evalueren. Het zijn trouwens essentiële bestanddelen geworden van het Europees begrotingstoezicht. De wereldeconomie ondergaat momenteel de zwaarste crisis uit de naoorlogse periode en de onzekerheid over de impact van de crisis op het economisch potentieel is dus enorm. In deze Working Paper worden recente herzieningen van het groeipotentieel van de Belgische economie door het Federaal Planbureau en internationale instellingen met elkaar vergeleken. Met die vergelijking willen we de onzekerheid rond die herzieningen belichten en ook de kanalen waarlangs de crisis de potentiële output kan aantasten, beter begrijpen.
Dit rapport geeft de resultaten van de regionalisering van de nationale economische vooruitzichten van het Federaal Planbureau voor de periode 2008-2014. Het is de derde studie van dat type. Net als de vorige rapporten, is dit rapport het resultaat van een samenwerking tussen het Federaal Planbureau en de studiediensten van de drie Belgische gewesten (BISA, IWEPS en SVR).
De nieuwe economische vooruitzichten 2009-2014 voor België zijn opgesteld in een internationale context die gekenmerkt wordt door een financiële crisis en een daaruit voortvloeiende diepe economische recessie. Het internationaal macro-economisch scenario na 2010 is gebaseerd op een analyse van vorige financiële crisissen. Op basis daarvan wordt verondersteld dat de crisis niet zal gevolgd worden door een voldoende sterk conjunctuurherstel om het verlies aan economische activiteit goed te maken in de projectieperiode. Dit scenario gaat echter gepaard met uitzonderlijk grote onzekerheden.
De nieuwe ‘economische vooruitzichten’ voor België werden opgesteld in een internationale economische context die gekenmerkt wordt door aanzienlijke turbulenties op de financiële markten als gevolg van de crisis op de Amerikaanse huizenmarkt en door de sterke stijging van de olieprijs en van de overige grondstoffenprijzen. Samen met de appreciatie van de euro ten opzichte van de Amerikaanse dollar tasten die schokken het concurrentievermogen en de groei van de eurozone aan. De internationale instellingen gaan uit van een voorzichtige herneming van de Europese economische groei in de loop van 2009, met een terugkeer van de rust op de financiële markten en een meer gematigde evolutie van de grondstoffenprijzen. Uiteraard gaat dit scenario gepaard met belangrijke neerwaartse risico’s.
Het Federaal Planbureau publiceert al sinds het begin van de jaren tachtig middellangetermijnvooruitzichten voor de Belgische economie. Het bijgevoegde werkdocument geeft een analyse van de projectiefouten voor de belangrijkste macro-economische indicatoren over de periode 1987-2005 en probeert de oorsprong daarvan te identificeren. Bedoeling van een dergelijke analyse is de gebruikers van de vooruitzichten een idee te geven van de omvang van de onzekerheden die dergelijke oefeningen omgeven en bepaalde methodologische zwakheden aan het licht te brengen opdat hieraan kan worden geremedieerd.
Dit scenario gaat uit van een groei van de Belgische economie met 2,3 % in 2007 en met gemiddeld 2,1 % over de periode 2007-2012. Aangezien de consumptieprijzen gemiddeld met 1,9 % toenemen, kan de economische groei als niet-inflatoir worden beschouwd. Hoewel op middellange termijn grote vooruitgang zou geboekt worden op het vlak van werkgelegenheid, overheidsfinanciën en broeikasgasemissies, zouden de ambitieuze doelstellingen waarnaar België zou moeten streven slechts gehaald kunnen worden als er nieuwe maatregelen worden genomen.
Aansluitend op het herstel dat in het tweede semester van 2005 werd ingezet, zou de groei van de Belgische economie aantrekken in 2006 en 2007 en gemiddeld 2,2 % bedragen tijdens de projectieperiode. Die groei zou dus groter zijn dan haar groeipotentieel en die van de eurozone, ondanks de hoge olieprijzen en de onzekerheden in verband met de evolutie van de wisselkoers.
Ondanks de verdere afbrokkeling van de werkgelegenheid in de industrie, zou de totale binnenlandse werkgelegenheid, die sterk in opmars is in de markdiensten, beduidend stijgen: van 2006 tot 2011 zouden er 216 000 banen worden gecreëerd. De impact van de loonmatiging en de maatregelen ter ondersteuning van de werkgelegenheid, zoals de dienstencheques, dragen bij tot die toename. De beroepsbevolking zou tijdens de projectieperiode sterk blijven toenemen. Dat is vooral toe te schrijven aan de verschillende maatregelen om de brugpensioen- en de pensioenleeftijd op te trekken. Ook de impact van de trendmatige toename van de activiteitsgraad (vooral bij de vrouwen), draagt hiertoe bij. De werkloosheid zou slechts een kleine daling laten optekenen.[...]