Page Title

De instelling

Het Federaal Planbureau (FPB) is een onafhankelijke instelling van openbaar nut. Het maakt studies en vooruitzichten over economische, sociale en milieubeleidskwesties. Ook wordt de integratie van die beleidskwesties in een context van duurzame ontwikkeling bestudeerd.

Marie Vandresse

Marie Vandresse is verantwoordelijk voor de demografische vooruitzichten en past hierbij haar op het vlak van demografie en projectiemethoden verworven expertise toe om de evolutie van de componenten van de bevolkingsgroei (geboortes, overlijdens, interne en internationale migratie) en de impact ervan op de toekomstige demografische evoluties van België te bestuderen. Voorts bestudeert ze de toekomstige evolutie van het aantal huishoudens in België, wat een aanvulling vormt op de bevolkingsevolutie bij het bepalen van, onder meer, de toekomstige behoeften op het vlak van huisvesting, mobiliteit of energie.

Ze is tevens lid van de raad van bestuur van de Société démographique francophone de Belgique en de Vlaamse Vereniging voor Demografie.

 

Contactgegevens

Equipes

  • Sociale bescherming, demografie en toekomstverkenning

CV & Publicaties

  • Demografische vooruitzichten 2021-2070 - Update : sterke opwaartse herziening van de bevolkingsgroei in 2022 door de oorlog in Oekraïne

    In België zijn op 20 mei 2022 bijna 43 000 aanvragen voor tijdelijke bescherming geregistreerd sinds het begin van de oorlog in Oekraïne. Het is dan ook vrijwel zeker dat deze toestroom van vluchtelingen een impact zal hebben op de bevolkingsgroei in 2022. Het Federaal Planbureau heeft zijn demografische projectie van februari geactualiseerd in voorbereiding van de economische vooruitzichten die 17 juni zullen worden gepubliceerd. Deze herziening gaat uit van 83 000 vluchtelingen uit Oekraïne in 2022. In een context die onzeker blijft, wordt de verwachte groei voor 2022 geraamd op 133 000 inwoners in plaats van de 50 000 in de vorige oefening. Gezien de tijdelijke beschermingsstatus van deze migranten, waardoor ze een verblijfsvergunning voor beperkte tijd krijgen, wordt er in het scenario van uitgegaan dat 80 % van deze migranten België zal verlaten in de periode 2023-2024. Er is dus geen impact op de bevolkingsgroei op lange termijn.

    FOR_DEMO21_UPD_2201 [09/06/2022]
  • Demografische vooruitzichten 2021-2070 : 1,3 miljoen inwoners meer tegen 2070, vergeleken met 1,5 miljoen in de afgelopen 30 jaar. De coronacrisis heeft geen invloed op deze groei

    De coronacrisis heeft een impact gehad op de demografische groei van België in 2020, maar minder dan verwacht in de Vooruitzichten van vorig jaar. De internationale migratie is slechts in beperkte mate beïnvloed door de beperkingen op internationale verplaatsingen. Nu deze beperkingen grotendeels zijn opgeheven, zou de pandemie niet langer de migratiestromen beïnvloeden. Tijdens de eerste lockdown in 2020 is het aantal concepties gedaald (weinig geboorten 9 maanden later), terwijl er aan het einde van deze eerste lockdown een tijdelijk herstel is, met een stijging van het aantal geboorten in maart-april 2021. Meer in het algemeen wordt niet verwacht dat de coronacrisis een impact zal hebben op de onderliggende trends inzake vruchtbaarheid, sterfte en migratie, en bijgevolg ook niet op de demografische groei op lange termijn.

    Flash 002 [08/02/2022]
  • Fact sheet 007 : Vruchtbaarheid en geboorten in België naar herkomst

    Nieuwe bevolkingsgegevens naar herkomst van Statbel stelden het FPB in staat om de vruchtbaarheid naar herkomst te berekenen en de geboorten naar herkomst van de moeder voor te stellen. In 2020 bedroeg het gemiddeld aantal kinderen per vrouw in België 1,54. Voor Belgische vrouwen met een Belgische achtergrond was dit 1,38, voor Belgische vrouwen met een buitenlandse achtergrond 1,58 en voor vrouwen met een buitenlandse nationaliteit 2,05. Van de kinderen geboren in 2020 had 52,3 % een Belgische moeder met Belgische achtergrond, 22,8 % een Belgische moeder met een buitenlandse  achtergrond en 24,9 % een moeder met een buitenlandse nationaliteit.

    Fact Sheet 007 [17/12/2021]
  • Fact Sheet 005 : België – oversterfte in 2020: 124 000 verloren levensjaren

    De oversterfte in 2020 wordt geraamd op 16 000 overlijdens. Op basis van hun levensverwachting hebben deze 16 000 personen samen 124 000 jaar verloren, of gemiddeld 7,7 jaar per persoon. Deze cijfers lijken aan te tonen dat COVID-19 niet alleen het overlijden zou hebben veroorzaakt van de meest kwetsbare personen die, zonder de epidemie, een paar weken of maanden later sowieso gestorven zouden zijn.

    Fact Sheet 005 [10/05/2021]
  • Demografische vooruitzichten 2020-2070 - Referentiescenario en varianten

    Deze publicatie presenteert de belangrijkste resultaten van de demografische vooruitzichten voor België: bevolking, huishoudens, geboorten, overlijdens, internationale migratie en interne migratie.  Om de gevoeligheid van de resultaten voor bepaalde hypothesen aan te tonen, zijn drie alternatieve scenario's onderzocht: een scenario dat verbonden is aan de gezondheidscrisis (Covid-19), een tweede scenario dat de hypothese inzake het sterftecijfer op lange termijn wijzigt en een laatste scenario dat de hypothese inzake de internationale emigratie aanpast.

    FOR_POP2070_12389 [31/03/2021]
  • COVID-19: geringe bevolkingsgroei in 2020 en 2021. De vergrijzing van de bevolking blijft op lange termijn aanwezig

    De demografische vooruitzichten 2020-2070 presenteren de evolutie van de bevolking en de huishoudens in België van 2020 tot 2070. Naast de actualisering van de toekomstige demografische trends, steunt deze oefening op een specifiek scenario dat verbonden is aan de COVID-19-pandemie. De bevolkingsgroei zal in 2020 en 2021 zeer gematigd zijn, met name door de impact van de gezondheidscrisis op het sterftecijfer en de internationale migratie. Op lange termijn zal de Belgische bevolking gemiddeld met 25 000 inwoners per jaar stijgen tot 12,8 miljoen inwoners in 2070.

    FOR_DP20_12326 [19/01/2021]
  • De vruchtbaarheid modelleren voor de nationale bevolkingsprojecties – Het geval van België

    Deze Working Paper presenteert de methodologie die sinds 2020 wordt gebruikt in het model om de bevolkingsvooruitzichten voor België op te stellen. De methodologie gaat ervan uit dat de vruchtbaarheid wordt verklaard door zowel structurele (opleiding, arbeidsmarktparticipatie, enz.) als cyclische factoren (de conjunctuur, enz.). Met die factoren wordt rekening gehouden door drie elementen: (1) de mening van experten over vruchtbaarheidstrends op lange termijn, (2) een expliciete trend in het vruchtbaarheidsschema en (3) de impact van cyclische en structurele determinanten van de vruchtbaarheid op basis van een foutencorrectiemodel.

    Working Paper 03-20 [12/10/2020]
  • Kunnen we de komende jaren iets doen aan de vergrijzing door middel van demografische beleidsmaatregelen?

    De maatschappij zal zich eerder moeten aanpassen aan de vergrijzing van de bevolking.

    Article 003 [08/09/2020]
  • Fact Sheet 004 : Wat als de vergrijzing anders zou worden geteld?

    Ouderdom zou dan niet worden gekoppeld aan het aantal reeds geleefde jaren, maar aan het aantal nog te leven jaren.

    Fact Sheet 004 [08/09/2020]
  • Demografische vooruitzichten 2019-2070. Actualisering in het kader van de COVID-19-epidemie

    De Demografische vooruitzichten 2019-2070 werden begin maart 2020 gepubliceerd, net vóór de eerste tekenen van COVID-19 op het Belgische grondgebied. In het licht van de evolutie van de epidemie en de maatregelen die zijn genomen door de Nationale Veiligheidsraad (NVR) om de verspreiding van COVID-19 tegen te gaan, leek een actualisering van die vooruitzichten onontbeerlijk.

    In deze actualisering werden alleen de hypothesen met betrekking tot de internationale migratie en het sterftecijfer aangepast. Bij gebrek aan informatie over de impact van de epidemie op de vruchtbaarheid en de interne migratie, werden die componenten niet geactualiseerd.

    REP_POP1970 [02/06/2020]
  • Demografische vooruitzichten 2018-2070 - Bevolking en huishoudens

    De Demografische vooruitzichten 2018-2070 presenteren de evolutie van de bevolking en de huishoudens in België van 2018-2070. De hypothesen werden geactualiseerd rekening houdend met de nieuwe beschikbare waarnemingen, in het bijzonder de bevolkingsstatistieken op 1 januari 2018 en de statistieken van de bevolkingsloop (geboorten, overlijdens, interne en internationale migraties) in de loop van het jaar 2017. Deze vooruitzichten werpen ook in het bijzonder licht op de vruchtbaarheid op middellange termijn.

    EFPOP1870 [24/01/2019]
  • Multiregional Population Projection Model at the EU level

    In deze paper wordt de mogelijkheid onderzocht om een multiregionaal projectiemodel op EU-niveau op te stellen aan de hand van Eurostat-statistieken over migratie. Die statistieken worden gebruikt om een consistente oorsprong-bestemmingsmatrix voor alle EU-lidstaten op te stellen. In dit geval betekent ‘consistent’ dat de som van alle intra-EU-bewegingen gelijk moet zijn aan nul. Deze matrix wordt vervolgens gebruikt om de migratiegraad tussen de EU-landen te berekenen, die in een multiregionaal bevolkingsprojectiemodel kan worden ingevoerd.

    Deze paper toont dat de huidige beschikbare officiële statistieken over de migratiestromen kunnen worden gebruikt om een multiregionaal migratiemodel op EU-niveau op te stellen.  Hoewel er nog meer ontwikkelingen moeten worden ingevoerd om het model te testen en te verbeteren, levert het veelbelovende resultaten.

    Working Paper 07-18 [08/06/2018]
  • Demografische vooruitzichten 2017-2070 - Bevolking en huishoudens

    Het Federaal Planbureau publiceert zijn demografische projecties voor België 2017-2070. Zij vestigen de aandacht op de effecten van de uitdoving van de babyboomgeneratie en bepaalde regionale verschillen.

    EFPOP1770 [22/02/2018]
  • Demografische vooruitzichten 2016-2060 : gevoeligheidsanalyses, alternatieve scenario’s en budgettaire en sociale impact

    Deze Working Paper analyseert verschillende varianten van de demografische vooruitzichten. De eerste benadering toont de impact van de alternatieve scenario’s van de toekomstige evolutie van de componenten van de bevolkingsgroei. Ook de impact van bepaalde van die scenario’s op de evolutie van de sociale uitgaven en het armoederisicopercentage van de gepensioneerden wordt onderzocht. De tweede benadering bestaat erin een gevoeligheidsanalyse uit te voeren van de demografische projectie voor bepaalde parameters van het model, in het bijzonder de waarnemingsperiodes die zijn gekozen om de trends te ramen.

    Working Paper 01-18 [05/02/2018]
  • Demografische vooruitzichten 2016-2060 - Bevolking en huishoudens

    Deze demografische vooruitzichten tonen de evolutie van de bevolking en de huishoudens in België van 2016 tot 2060. Dit document presenteert eerst het scenario dat werd gebruikt om deze vooruitzichten op te stellen. Vervolgens worden de belangrijkste resultaten voor België, de gewesten en de arrondissementen voorgesteld.

    EFPOP1660 [07/03/2017]
  • Projection of internal migration based on migration intensity and preferential flows

    Deze Working Paper presenteert de projectiemethode van de interne migratie die vanaf 2016 werd opgenomen in de demografische vooruitzichten die door het Federaal Planbureau en de Algemene Directie Statistiek werden gepubliceerd. De methode is gebaseerd op de migratie-intensiteit tussen arrondissementen, in plaats van op emigratiegraden van het ene arrondissement naar het andere. De migratie-intensiteit maakt het niet alleen mogelijk rekening te houden met de bevolking van het arrondissement van herkomst (bevolking die risico loopt), maar ook met de bevolking in het arrondissement van bestemming (als indicator van aantrekkelijkheid). De toekomstige evolutie van de migratie-intensiteit is op korte termijn een voortzetting van de meest recente trends die werden waargenomen over een geheel van preferentiële migratiestromen tussen arrondissementen. Op lange termijn wordt de migratie-intensiteit verondersteld constant te zijn.

    Working Paper 10-16 [20/10/2016]
  • Levens- en gezondheidsverwachtingen naar socio-economisch statuut - Literatuuroverzicht

    Dit rapport geeft een (niet-exhaustief) literatuuroverzicht van studies die een licht kunnen werpen op de impact van het socio-economisch statuut op de levens- en gezondheidsverwachting.

    REP_CEP_03 [25/09/2015]
  • Economische vooruitzichten 2015-2020

    De ‘Economische vooruitzichten 2015-2020’ kondigen een groeiherstel van de Belgische economie aan. Die groei is nog relatief bescheiden (gemiddeld 1,5 % per jaar), maar zou gepaard gaan met een vrij sterke werkgelegenheidsgroei (gemiddeld bijna 34 000 jobs per jaar). Het economisch gewicht van de gezamenlijke overheid zou afnemen, o.m. in termen van werkgelegenheid, en samen met de daling van de rentelasten bijdragen tot de aanzienlijke vermindering van het overheidstekort, dat 1,1 % van het bbp zou bedragen in 2020.

    Economic outlook 2015-2020 [12/05/2015]
  • Economische vooruitzichten 2015-2020 Versie van maart 2015

    Dit rapport vormt een bijdrage tot de voorbereiding van het nieuwe Stabiliteitsprogramma en van het nieuwe Nationaal Hervormingsprogramma (NHP). Het vermeldt de voornaamste resultaten van de voorlopige versie van de “Economische vooruitzichten 2015-2020” die in mei 2015 gepubliceerd zullen worden.

     

    Economic outlook 2015-2020 0 [19/03/2015]
  • Une modélisation de l’évolution future de la migration internationale pour la Belgique
    Modelling the future evolution of international migration for Belgium

    Deze Working Paper toont de methodologische vooruitgang die werd geboekt in de projectie van de internationale migratie. De nieuwe methodologie steunt op een analyse van migratiestromen per nationaliteit en statistieken inzake de migratiemotieven om te bepalen of economische variabelen relevant zijn als determinant van de migratie. Indien relevant, wordt de impact van de economische determinanten op de immigratie geraamd met behulp van econometrische methoden. De methodologie houdt tevens rekening met een context van toenemende globalisering en mobiliteit alsook met een verwachte groei van de wereldbevolking die bevorderlijk zijn voor de internationale migratiestromen (immigratie en emigratie). Ten slotte zorgt de methodologie voor meer stabiliteit in de langetermijnprojecties van de migratie, en dus ook van bevolking; de jaarlijkse herzieningen van de migratie op lange termijn zullen minder afhankelijk zijn van de kortetermijnevolutie van de migratiestromen.

    Working Paper 02-15 [18/03/2015]
  • Demografische vooruitzichten 2014-2060 - Bevolking, huishoudens en prospectieve sterftequotiënten

    Het Federaal Planbureau en de Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie hebben hun 'Demografische vooruitzichten' voor de volgende 50 jaar geactualiseerd. De bevolking van het Rijk stijgt van 11,2 miljoen inwoners in 2014 tot 11,9 miljoen in 2030 (+7%) en 13,1 miljoen in 2060 (+17%). Het aantal particuliere huishoudens stijgt op niveau van het Rijk van 4,8 miljoen in 2014 tot 5,3 miljoen in 2030 (+10%) en tot 5,9 miljoen in 2060 (+23%).

    Deze resultaten zijn  afhankelijk van de toekomstige evolutie van de vruchtbaarheid,  het sterftecijfer,  de interne en externe migraties en, voor de huishoudens, de evolutie van de verschillende samenlevingsvormen.

    Deze publicatie wijdt ook een hoofdstuk aan de prospectieve sterftequotïenten, noodzakelijk om de transversale levensverwachting “van het moment” (transversale benadering) en de generationele levensverwachting (longitudinale benadering) te projecteren.

    EFPOP1460 [17/03/2015]
  • Une méthodologie de projection des ménages : le modèle HPROM (Household PROjection Model)

    Deze Working Paper presenteert de methodologie die het Federaal Planbureau momenteel hanteert bij het opstellen van de huishoudensvooruitzichten tegen 2060 in België. Die methodologie maakt gedetailleerde projecties mogelijk van het aantal huishoudens (op niveau van de arrondissementen) volgens het type huishouden en naargelang de feitelijke toestand en niet de rechtstoestand. Zodoende houden de vooruitzichten rekening met de verschillende samenlevingsvormen, zoals het samenwonen, eenoudergezinnen, alleenstaande huishoudens... Ze verzekeren tevens de coherentie met de nationale bevolkingsvooruitzichten die sinds verschillende jaren worden gepubliceerd door het Federaal Planbureau en de Algemene Directie Statistiek en gebaseerd zijn op de zogenaamde componentenmethode.

    Working Paper 09-14 [20/11/2014]
  • Demografische vooruitzichten 2013-2060 - Bevolking, huishoudens en prospectieve sterftequotiënten

    Het Federaal Planbureau en de Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie hebben hun 'Demografische vooruitzichten' voor de volgende 50 jaar geactualiseerd. De bevolking van het Rijk stijgt van 11,1 miljoen inwoners in 2013 tot 11,9 miljoen in 2030 (+7 %) en 12,5 miljoen in 2060 (+13 %). Het aantal particuliere huishoudens stijgt op niveau van het Rijk van 4,8 miljoen in 2013 tot 5,3 miljoen in 2030 (+11 %) en tot 5,8 miljoen in 2060 (+21 %).

    Deze resultaten zijn  afhankelijk van de toekomstige evolutie van de vruchtbaarheid,  het sterftecijfer,  de interne en externe migraties en, voor de huishoudens, de evolutie van de verschillende samenlevingsvormen.

    Deze publicatie wijdt ook een hoofdstuk aan de prospectieve sterftequotïenten, noodzakelijk om de transversale levensverwachting “van het moment” (transversale benadering) en de generationele levensverwachting (longitudinale benadering) te projecteren.

    EFPOP1360 [18/03/2014]
  • Volgens de demografische vooruitzichten zal België tegen 2060 1,4 miljoen meer inwoners en 1 miljoen meer gezinnen tellen

    Het Federaal Planbureau en de Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie hebben hun demografische vooruitzichten met tijdshorizon 2060 geactualiseerd. De internationale immigratie daalt over de volledige projectieperiode maar blijft wel de belangrijkste factor van de bevolkingsgroei op niveau van het Rijk. Op korte termijn blijft de immigratie uit de zuidelijke EU15-landen beïnvloed door de economische en financiële crisis. De in 2011 genomen maatregelen inzake gezinshereniging hebben een blijvende impact op de daling van de immigratie, vooral uit de niet-Europese landen. Als gevolg van de daling van de gemiddelde grootte van de huishoudens groeit hun aantal in België sneller dan de bevolking.

    Press 20140318 [18/03/2014]
  • Joint Eurostat/UNECE Work Session on Demographic Projections : "A household projection model for Belgium based on individual household membership rates"

    Since many years, Statistics Belgium (Directorate General Statistics and Economic Information - DGSEI) and the Belgian Federal Planning Bureau (FPB) have annually produced official population projections for Belgium at the NUTS3 level used by official Belgian institutions and in several short-, medium-, and long-term projection models (such as economic projections, income poverty, long-term healthcare expenditures, energy, transport) and for specific projects or demands. Aside from these official population projections, interest for household projections is growing. Indeed, understanding the population in this dimension is very useful for numerous aspects of social life (expansion of single-parent households - often mothers - or of isolated households with old persons who are at higher risk of poverty problems or short of support) and of economic life (impact on consumption, taxation, housing, mobility, etc). To do so, a household projection model for Belgium, calibrated on the Belgian population projection at the NUTS 3 level, is under development. The objective of this paper is to describe the model and to present the provisional results.

    SP131029 [29/10/2013]
  • De milieu-impact van de evolutie van de transportvraag tegen 2030

    In september 2012 publiceerden het Federaal Planbureau en de FOD Mobiliteit en Vervoer een nieuwe referentieprojectie voor de langetermijnevolutie van transport in België (FPB en FOD M&V, 2012). Naast de evolutie van het personen‐ en goederenvervoer en de transportkosten, stelt de publicatie ook emissievooruitzichten op voor de broeikasgassen en de belangrijkste polluenten en berekent ze de milieukosten die eraan verbonden zijn. Voor deze berekeningen werkte het Federaal Planbureau samen met VITO in het kader van het LIMOBEL‐ en PROLIBIC‐project, beide gefinancierd door het Federaal Wetenschapsbeleid.

    Deze Working Paper beschrijft de methodologie om de impact van transport op het milieu te berekenen en omvat een meer gedetailleerde analyse van de evolutie tegen 2030 van de CO2‐, NOx‐ en PM2,5‐emissies veroorzaakt door vervoer. Deze gedetailleerde studie omvat onder meer een decompositieanalyse die de verschillende verklarende factoren voor die evolutie kwantificeert.

    Working Paper 11-12 [18/09/2012]
  • Vooruitzichten van de transportvraag in België tegen 2030

    In het kader van een samenwerkingsakkoord tussen het Federaal Planbureau en de FOD Mobiliteit en Vervoer maakt het Federaal Planbureau om de drie jaar langetermijnvooruitzichten voor de transportvraag in België. Deze oefening heeft tot doel een projectie bij ongewijzigd beleid uit te werken die het mogelijk maakt de algemene trends op lange termijn te onderscheiden, elementen aan te reiken waarop een transportbeleid kan steunen en de impact van transportmaatregelen te bestuderen.

    In bijgevoegd bestand werden twee onjuistheden gecorrigeerd: de eerste in tabel 28, de tweede in tabel 30. Deze aanpassingen hebben geen enkele invloed op de algemene conclusies van de studie.

    FORTRANSP_01 [17/09/2012]
  • A computable general equilibrium for Belgium with a special focus on transport policies

    Deze paper heeft als doel het PLANET-model uit te breiden met endogene feedbackmechanismen van de transportsector naar de rest van de economie. Daartoe worden de PLANET-gegevens met betrekking tot vracht- en huishoudelijk transport voor 2003 ingevoerd in een statisch CGE-model van de Belgische economie. Gezinnen gebruiken transport voor woon-werkverkeer of ontspanning, terwijl productiesectoren vrachtvervoer gebruiken als input. Belangrijke terugkoppelingseffecten op gegeneraliseerde transportkosten door congestie worden mogelijk gemaakt. Om het model te illustreren, vergelijken we de gevolgen van een kilometerheffing op uitsluitend vrachtvervoer en een heffing die tevens betrekking heeft op het huishoudelijk transport.

    Working Paper 12-11 [25/08/2011]
  • Analyse de politiques de transport : rapprochement des accises sur les carburants et Eurovignette III

    Deze studie beoogt de impact van twee soorten prijsbeleid in de transportsector te analyseren met behulp van het model PLANET. De soorten prijsbeleid zijn (1) een harmonisatie van de accijnzen op benzine en diesel en (2) een kilometerheffing voor vrachtwagens volgens het Europese voorstel van richtlijn voor het Eurovignet III. De bestudeerde invloeden zijn de gevolgen voor de transportactiviteit van personen en goederen, de milieu-impact en de impact op de maatschappelijke welvaart. Voor beide soorten prijsbeleid wordt de impact op de overheidsbegroting geneutraliseerd via de algemene fiscaliteit of via de fiscaliteit op arbeid.
     

    Working Paper 02-11 [27/01/2011]
Please do not visit, its a trap for bots