Een federaal rapport over de evolutie van België vanuit een perspectief van duurzame ontwikkeling (26/08/1999)

!

Onderstaande HTML-versie van het communiqué bevat doorgaans niet alle informatie van de PDF-versie. Voor een volledige versie (met grafieken en tabellen), download het communiqué in het kader 'PDF & downloads'.

Duurzame ontwikkeling beantwoordt aan de behoeften van vandaag zonder de capaciteit van de toekomstige generaties om hun eigen behoeften in te vullen, in gevaar te brengen. (Brundtland-rapport, 1987).

Een mondiaal project voor de 21ste eeuw

In juni 1992, tijdens de Conferentie van Rio, is het project duurzame ontwikkeling door de internationale gemeenschap goedgekeurd en opgenomen in het document "Agenda 21". Dit wereldwijde actieplan voor de 21ste eeuw loopt dus al sinds zeven jaar.

In mei 1997 neemt het Belgisch Parlement de wet betreffende de coördinatie van het federale beleid inzake duurzame ontwikkeling aan, die een onafhankelijke administratie (het Federaal Planbureau) vraagt om in een federaal rapport een tweejaarlijkse evaluatie te maken van de in België voltrokken vooruitgang in het kader van Agenda 21.

In augustus 1999 wordt het eerste Federaal Rapport inzake Duurzame Ontwikkeling en een samenvatting gepubliceerd met als titel “Op weg naar duurzame ontwikkeling”. Planning Paper 85 met als titel “Duurzame ontwikkeling: een project op wereldschaal”geeft dan weer een overzicht van de internationale opvolging van de Conferentie van Rio.

Hoofddoel van dit eerste Federaal Rapport inzake Duurzame Ontwikkeling is België ertoe aan te zetten inspanningen te leveren opdat "ontwikkeling" steeds meer zou gebeuren in het verlengde van de vernieuwende benadering van Rio. Het rapport snijdt belangrijke vragen inzake duurzame ontwikkeling aan, die van bijzonder belang zijn op de politieke agenda (coördinatie van beleidsmaatregelen, voorzorgsbeginsel, alternatieve vormen van ontwikkeling, toekomstvisies, enz.). Het behandelt ze op een omstandige, wetenschappelijke en gestructureerde manier. Zo’n 80 indicatoren waren nodig om de ontwikkeling van onze samenleving af te bakenen en de definitie van duurzame ontwikkeling te vertalen in een analyseinstrument.

Het Belgische Federaal Rapport inzake Duurzame Ontwikkeling en Planning Paper 85 over de internationale opvolging van Agenda 21 werden gerealiseerd door een multidisciplinair team: de Task Force Duurzame Ontwikkeling. Ze richten zich zowel tot het maatschappelijk middenveld als tot de politieke wereld en de overheidsdiensten. De resultaten van dit werk dragen bij tot reflectie over de manier waarop België zich ontwikkelt en over het effect hiervan op wereldschaal.

Een onderzoek naar de sociale, ecologische en economische thema’s van duurzame ontwikkeling

Volgens het Brundtland-rapport (1987) zijn twee concepten inherent aan duurzame ontwikkeling. Het eerste is sociaal van aard: het concept van de behoefte en meer in het bijzonder de essentiële behoeften van de armsten, waaraan de grootste prioriteit moet worden gegeven. Het tweede is economisch en ecologisch van aard: de idee van de beperkingen van onze technieken en onze sociale organisatie wat betreft de capaciteit van het milieu om aan de huidige en toekomstige behoeften te beantwoorden.

Duurzame ontwikkeling is dus niet beperkt tot het leefmilieu: elk onderwerp wordt ook op zijn sociale en economische aspecten onderzocht. Concreet is de analyse gericht op vier grote thema’s van duurzame ontwikkeling:

een sociaal thema: strijd tegen armoede en sociale uitsluiting;
twee leefmilieuthema’s: bescherming van de atmosfeer (klimaatverandering en troposferische ozon) en van het mariene milieu (vervuiling en overbevissing);
een economisch thema: verandering van de consumptiepatronen.
De nood aan integratie en coördinatie

Het federaal rapport toont wat de bestaande verbanden zijn tussen het sinds 1992 gevoerde federale beleid en deze thema’s. Hoe de Belgische situatie met betrekking tot deze thema’s evolueert, hangt uiteraard af van het beleid dat er direct in verband mee staat (het armoedebestrijdingsbeleid, het beleid ter bescherming van de atmosfeer, enz.). Maar die evolutie is ook het resultaat van belangrijke beleidsdomeinen die deze thema’s beïnvloeden en kunnen ondersteunen (wetenschapsbeleid, budgettair beleid, fiscaal beleid, energiebeleid, transportbeleid, landbouwbeleid, gezondheidsbeleid, werkgelegenheidsbeleid, enz.). Deze geïntegreerde visie benadrukt de noodzakelijke coördinatie tussen het ondersteunend beleid en het specifieke beleid om een duurzame ontwikkeling te verwezenlijken.

Voor die thema's wordt de volgende balans opgemaakt:

  • ondanks onmiskenbare vooruitgang, is totnogtoe het armoedebestrijdingsbeleid tegenover de grote beleidsdomeinen in de marge gebleven;
  • de diverse maatregelen genomen inzake consumptiepatronen (milieutaksen, Europese milieukeur, enz.) werden niet geïntegreerd in een strategie voor duurzame consumptie;
  • ten aanzien van de ecologische thema’s werden wel strategieën vooropgesteld maar weinig resultaten geboekt, wegens het gebrek aan integratie van zowel het federale beleid op zich als tussen het federale beleid en het beleid gevoerd door de gewesten. Daar waar doelstellingen vastgelegd en coördinatiemechanismen gecreëerd werden, verklaart een gebrek aan middelen voor hun verwezenlijking grotendeels deze tekortkomingen. Het rapport toont aan dat deze tekortkomingen niet alleen het milieu schaden maar ook de gezondheid.

De criteria en het potentieel voor verandering

Het rapport identificeert vijf criteria die een beleid van duurzame ontwikkeling van een klassiek beleid onderscheiden: planetaire aanpak (gemeenschappelijke, maar gedifferentieerde verantwoordelijkheid), langetermijnvisie (billijkheid binnen en tussen generaties), integratie van componenten (economisch, ecologisch en sociaal), erkenning van wetenschappelijke onzekerheden (voorzorgsbeginsel), participatieve benadering (beginselen van participatie en verantwoordelijkheid).

De besluitvorming in de loop van de laatste jaren blijft vaak gekenmerkt door een reeks leemtes met betrekking tot deze vijf criteria van duurzame ontwikkeling. De omschakeling naar een duurzame ontwikkeling bevat nochtans veel mogelijkheden tot verandering die aan de Belgische burgers nieuwe motieven van solidariteit bieden tegenover de gezamenlijke verantwoordelijkheden en einddoelen voor alle bewoners van de planeet.

Er wordt in het rapport ook een toekomstverkenning op lange en op zeer lange termijn geschetst. Die integreert op een systematische en evenwichtige wijze de ecologische, economische en sociale aspecten. Dit is noodzakelijk om te kunnen debatteren over de risico’s die niet-duurzame tendensen inhouden en om de impact ervan in te schatten. Het gebrek aan langetermijnvisie en aan inspanningen daartoe in België, vormen dus een tekortkoming van ons beslissingsapparaat op beleidsmatig en wetenschappelijk vlak. Dat is ook de reden waarom er zo weinig precieze doelstellingen voor duurzame ontwikkeling werden vastgelegd en er weinig middelen werden voorzien voor hun verwezenlijking.

Er wordt toch een toekomstverkenning geschetst die verschillende mogelijke toekomstbeelden beschrijft. Deze zijn verbonden met de verschillen in risicobeleving tussen de actoren. Men kan de risico’s verbonden met meer armoede, met een verdere aftakeling van het leefmilieu, of met belangrijke veranderingen van productie- en consumptiepatronen immers totaal uiteenlopend inschatten. Afhankelijk van de overheersende risicobeleving worden verschillende keuzen gemaakt, die ook een erg verschillende ecologische, sociale en economische evolutie mogelijk maken.

Drie referentiewerken die door het Federaal Planbureau gepubliceerd zijn

De Task Force Duurzame Ontwikkeling, die in januari 1998 binnen het Federaal Planbureau opgericht werd, is de auteur van de volgende documenten:

  • Het volledige rapport "Op weg naar duurzame ontwikkeling" (450 blz.)
  • De samenvatting van het rapport "Op weg naar duurzame ontwikkeling ?" (23 blz.) is toegankelijk op de website van het Federaal Planbureau. Ze kan vanaf vandaag ook verkregen worden door een fax te sturen op het nummer 02/507.74.86.
  • Planning Paper nr. 85 "Duurzame ontwikkeling, een project op wereldschaal" (190 blz.) is beschikbaar in gedrukte vorm en op de website van het Federaal Planbureau.
Please do not visit, its a trap for bots