Page Title

Publicaties

Om de transparantie en informatieverstrekking te bevorderen, publiceert het FPB regelmatig de methoden en resultaten van zijn werkzaamheden. De publicaties verschijnen in verschillende reeksen, zoals de Vooruitzichten, de Working Papers en de Planning Papers. Sommige rapporten kunnen ook hier geraadpleegd worden, evenals de nieuwsbrieven van de Short Term Update die tot 2015 werden gepubliceerd. U kunt op thema, publicatietype, auteur en jaar zoeken.

Public support for R&D and the educational mix of R&D employees [Working Paper 08-14]

Vanwege het fundamenteel belang van onderzoek en ontwikkeling (O&O) voor technologische vooruitgang en het gekend marktfalen in kenniscreatie, verleent een grote meerderheid van OESO-landen directe of indirecte steun voor O&O-activiteiten van ondernemingen. Bij de evaluatie van overheidssteun ligt de focus meestal op de mate waarin subsidies of fiscale voordelen O&O-projecten aanmoedigen die bedrijven zonder ondersteuning niet zouden verrichten (zogenaamde inputadditionaliteit). In sommige recente studies wordt ook gekeken naar outputadditionaliteit, namelijk de impact van overheidssteun op product- en procesinnovatie of productiviteit. Er zijn ook een beperkt aantal studies waarin wordt gekeken naar de mogelijke gevolgen van overheidssteun voor de aard van O&O-activiteiten (gedragsadditionaliteit), bijvoorbeeld of er door steun een verschuiving is naar meer risicovolle maar potentieel meer winstgevende O&O-projecten.

Tussen 2005 en 2007 introduceerde de Belgische federale regering vier verschillende steunmaatregelen waarbij bedrijven een gedeeltelijke vrijstelling van de bedrijfsvoorheffing op de lonen van hun onderzoekers kunnen verkrijgen. De maatregelen ter ondersteuning van onderzoekssamenwerking of van jonge innovatieve bedrijven hebben betrekking op nagenoeg het voltallig O&O-personeel, maar voor de twee andere maatregelen komen alleen onderzoekers met een specifiek diploma in aanmerking (bijvoorbeeld, doctoraten en masters in exacte of toegepaste wetenschappen of burgerlijk ingenieurs). Deze maatregelen beïnvloeden de relatieve loonkost van specifieke groepen van O&O-personeel en daardoor de relatieve arbeidsvraag. Als het aanbod van bepaalde productiefactoren inelastisch is, dan kan een stijgende vraag ernaar als gevolg van gerichte voordelen, resulteren in hogere factorprijzen (lonen). In deze working paper wordt de impact van de recente fiscale voordelen onderzocht, zowel op de samenstelling van O&O-personeel als op het gemiddeld loon van onderzoekers.

Uit de voorgestelde schattingsresultaten blijkt dat sommige maatregelen van overheidssteun inderdaad de samenstelling van O&O-personeel in bedrijven beïnvloeden. Er zijn aanwijzingen dat doctors en burgerlijk ingenieurs O&O-werknemers met een lager diploma vervangen. Hoewel ondernemingen zelf kunnen beslissen over de besteding van het geld dat vrijkomt door de gedeeltelijke vrijstelling van de bedrijfsvoorheffing, blijkt de gedeeltelijke vrijstelling voor onderzoekers met een doctoraat of een diploma van burgerlijk ingenieur een aanzienlijke positieve impact te hebben op het aandeel van onderzoekers met dat specifiek diploma. De gedeeltelijke vrijstelling voor onderzoekers met een master heeft geen significante invloed gehad op het aantal O&O-werknemers of het aandeel van onderzoekers met een master. In overeenstemming met eerdere studies vinden we aanwijzingen dat overheidssteun het gemiddeld loon van onderzoekers verhoogt. Onze resultaten tonen echter duidelijk de noodzaak aan om de impact op lonen als gevolg van veranderingen in de samenstelling van O&O-personeel volgens opleidingsniveau te onderscheiden van de impact die steunmaatregelen kunnen hebben door het verhogen van de vraag naar onderzoekers, bij inelastisch aanbod. Indien gegevens over een langere periode beschikbaar worden, dan zouden eventuele wijzigingen in het aanbod van onderzoekers in rekening kunnen worden gebracht bij de beoordeling van het effect van overheidssteun voor O&O op de samenstelling van O&O-personeel volgens opleidingsniveau.

Een meer diepgaande analyse van de impact van veranderingen in de samenstelling van O&O-personeel volgens opleidingsniveau op de aard van O&O-activiteiten (bijvoorbeeld het aandeel van O&O gewijd aan fundamenteel onderzoek, toegepast onderzoek of experimentele ontwikkeling) lijkt aangewezen. Verdere analyse zou ook licht kunnen werpen op de vraag of die veranderingen zich ook in meer innovatie vertalen. Dit zou kunnen helpen in het debat over de relatie tussen overheidssteun en de lonen van O&O-personeel, namelijk, de mate waarin stijgende lonen het stijgend opleidingsniveau van onderzoekers weerspiegelen en of de toegenomen scholingsgraad een positief effect heeft op het lange termijn innovatievermogen van bedrijven.

  PDF & Download

  Auteurs

, André Spithoven, Belgian Science Policy Office and Ghent University (A), Peter Teirlinck, Belgian Science Policy Office and KU Leuven (A)
 
A : Auteur, C : Contribuant

Datum

  Publicatietype

Planning & Working Papers

Please do not visit, its a trap for bots