Marie Vandresse

Marie Vandresse is verantwoordelijk voor de demografische vooruitzichten en past hierbij haar op het vlak van demografie en projectiemethoden verworven expertise toe om de evolutie van de componenten van de bevolkingsgroei (geboortes, overlijdens, interne en internationale migratie) en de impact ervan op de toekomstige demografische evoluties van België te bestuderen. Voorts bestudeert ze de toekomstige evolutie van het aantal huishoudens in België, wat een aanvulling vormt op de bevolkingsevolutie bij het bepalen van, onder meer, de toekomstige behoeften op het vlak van huisvesting, mobiliteit of energie.

Ze is tevens lid van de raad van bestuur van de Société démographique francophone de Belgique en de Vlaamse Vereniging voor Demografie.

 

Contactgegevens

Equipes

  • Sociale bescherming, demografie en toekomstverkenning

CV & Publicaties

  • Demografische vooruitzichten 2016-2060 - Bevolking en huishoudens

    Deze demografische vooruitzichten tonen de evolutie van de bevolking en de huishoudens in België van 2016 tot 2060. Dit document presenteert eerst het scenario dat werd gebruikt om deze vooruitzichten op te stellen. Vervolgens worden de belangrijkste resultaten voor België, de gewesten en de arrondissementen voorgesteld.

    EFPOP1660 [07/03/2017]
  • Projection of internal migration based on migration intensity and preferential flows

    Deze Working Paper presenteert de projectiemethode van de interne migratie die vanaf 2016 werd opgenomen in de demografische vooruitzichten die door het Federaal Planbureau en de Algemene Directie Statistiek werden gepubliceerd. De methode is gebaseerd op de migratie-intensiteit tussen arrondissementen, in plaats van op emigratiegraden van het ene arrondissement naar het andere. De migratie-intensiteit maakt het niet alleen mogelijk rekening te houden met de bevolking van het arrondissement van herkomst (bevolking die risico loopt), maar ook met de bevolking in het arrondissement van bestemming (als indicator van aantrekkelijkheid). De toekomstige evolutie van de migratie-intensiteit is op korte termijn een voortzetting van de meest recente trends die werden waargenomen over een geheel van preferentiële migratiestromen tussen arrondissementen. Op lange termijn wordt de migratie-intensiteit verondersteld constant te zijn.

    Working Paper 10-16 [20/10/2016]
  • Levens- en gezondheidsverwachtingen naar socio-economisch statuut - Literatuuroverzicht

    Dit rapport geeft een (niet-exhaustief) literatuuroverzicht van studies die een licht kunnen werpen op de impact van het socio-economisch statuut op de levens- en gezondheidsverwachting.

    REP_CEP_03 [25/09/2015]
  • Economische vooruitzichten 2015-2020

    De ‘Economische vooruitzichten 2015-2020’ kondigen een groeiherstel van de Belgische economie aan. Die groei is nog relatief bescheiden (gemiddeld 1,5 % per jaar), maar zou gepaard gaan met een vrij sterke werkgelegenheidsgroei (gemiddeld bijna 34 000 jobs per jaar). Het economisch gewicht van de gezamenlijke overheid zou afnemen, o.m. in termen van werkgelegenheid, en samen met de daling van de rentelasten bijdragen tot de aanzienlijke vermindering van het overheidstekort, dat 1,1 % van het bbp zou bedragen in 2020.

    Economic outlook 2015-2020 [12/05/2015]
  • Economische vooruitzichten 2015-2020 Versie van maart 2015

    Dit rapport vormt een bijdrage tot de voorbereiding van het nieuwe Stabiliteitsprogramma en van het nieuwe Nationaal Hervormingsprogramma (NHP). Het vermeldt de voornaamste resultaten van de voorlopige versie van de “Economische vooruitzichten 2015-2020” die in mei 2015 gepubliceerd zullen worden.

     

    Economic outlook 2015-2020 0 [19/03/2015]
  • Une modélisation de l’évolution future de la migration internationale pour la Belgique
    Modelling the future evolution of international migration for Belgium

    Deze Working Paper toont de methodologische vooruitgang die werd geboekt in de projectie van de internationale migratie. De nieuwe methodologie steunt op een analyse van migratiestromen per nationaliteit en statistieken inzake de migratiemotieven om te bepalen of economische variabelen relevant zijn als determinant van de migratie. Indien relevant, wordt de impact van de economische determinanten op de immigratie geraamd met behulp van econometrische methoden. De methodologie houdt tevens rekening met een context van toenemende globalisering en mobiliteit alsook met een verwachte groei van de wereldbevolking die bevorderlijk zijn voor de internationale migratiestromen (immigratie en emigratie). Ten slotte zorgt de methodologie voor meer stabiliteit in de langetermijnprojecties van de migratie, en dus ook van bevolking; de jaarlijkse herzieningen van de migratie op lange termijn zullen minder afhankelijk zijn van de kortetermijnevolutie van de migratiestromen.

    Working Paper 02-15 [18/03/2015]
  • Demografische vooruitzichten 2014-2060 - Bevolking, huishoudens en prospectieve sterftequotiënten

    Het Federaal Planbureau en de Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie hebben hun 'Demografische vooruitzichten' voor de volgende 50 jaar geactualiseerd. De bevolking van het Rijk stijgt van 11,2 miljoen inwoners in 2014 tot 11,9 miljoen in 2030 (+7%) en 13,1 miljoen in 2060 (+17%). Het aantal particuliere huishoudens stijgt op niveau van het Rijk van 4,8 miljoen in 2014 tot 5,3 miljoen in 2030 (+10%) en tot 5,9 miljoen in 2060 (+23%).

    Deze resultaten zijn  afhankelijk van de toekomstige evolutie van de vruchtbaarheid,  het sterftecijfer,  de interne en externe migraties en, voor de huishoudens, de evolutie van de verschillende samenlevingsvormen.

    Deze publicatie wijdt ook een hoofdstuk aan de prospectieve sterftequotïenten, noodzakelijk om de transversale levensverwachting “van het moment” (transversale benadering) en de generationele levensverwachting (longitudinale benadering) te projecteren.

    EFPOP1460 [17/03/2015]
  • A methodology for household projections: the HPROM model (Household PROjection Model)

    This Working Paper presents the methodology the Federal Planning Bureau has currently developed to draw up long-term Belgian household projections. This methodology allows detailed projections of the number of households (at the district level) by household type according to living arrangements and not legal situation. Thus, the projections include the different forms of living arrangements, such as cohabitation, single-parent families, single households ("one person"), etc. They also guarantee coherence with the national population projections, which have been published by the Federal Planning Bureau and Statistics Belgium for several years and are based on the so-called component method.

    Article STU 04-14 : WP 09-14 [07/01/2015]
  • Une méthodologie de projection des ménages : le modèle HPROM (Household PROjection Model)

    Deze Working Paper presenteert de methodologie die het Federaal Planbureau momenteel hanteert bij het opstellen van de huishoudensvooruitzichten tegen 2060 in België. Die methodologie maakt gedetailleerde projecties mogelijk van het aantal huishoudens (op niveau van de arrondissementen) volgens het type huishouden en naargelang de feitelijke toestand en niet de rechtstoestand. Zodoende houden de vooruitzichten rekening met de verschillende samenlevingsvormen, zoals het samenwonen, eenoudergezinnen, alleenstaande huishoudens... Ze verzekeren tevens de coherentie met de nationale bevolkingsvooruitzichten die sinds verschillende jaren worden gepubliceerd door het Federaal Planbureau en de Algemene Directie Statistiek en gebaseerd zijn op de zogenaamde componentenmethode.

    Working Paper 09-14 [20/11/2014]
  • Volgens de demografische vooruitzichten zal België tegen 2060 1,4 miljoen meer inwoners en 1 miljoen meer gezinnen tellen

    Het Federaal Planbureau en de Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie hebben hun demografische vooruitzichten met tijdshorizon 2060 geactualiseerd. De internationale immigratie daalt over de volledige projectieperiode maar blijft wel de belangrijkste factor van de bevolkingsgroei op niveau van het Rijk. Op korte termijn blijft de immigratie uit de zuidelijke EU15-landen beïnvloed door de economische en financiële crisis. De in 2011 genomen maatregelen inzake gezinshereniging hebben een blijvende impact op de daling van de immigratie, vooral uit de niet-Europese landen. Als gevolg van de daling van de gemiddelde grootte van de huishoudens groeit hun aantal in België sneller dan de bevolking.

    Press 20140318 [18/03/2014]
  • Demografische vooruitzichten 2013-2060 - Bevolking, huishoudens en prospectieve sterftequotiënten

    Het Federaal Planbureau en de Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie hebben hun 'Demografische vooruitzichten' voor de volgende 50 jaar geactualiseerd. De bevolking van het Rijk stijgt van 11,1 miljoen inwoners in 2013 tot 11,9 miljoen in 2030 (+7 %) en 12,5 miljoen in 2060 (+13 %). Het aantal particuliere huishoudens stijgt op niveau van het Rijk van 4,8 miljoen in 2013 tot 5,3 miljoen in 2030 (+11 %) en tot 5,8 miljoen in 2060 (+21 %).

    Deze resultaten zijn  afhankelijk van de toekomstige evolutie van de vruchtbaarheid,  het sterftecijfer,  de interne en externe migraties en, voor de huishoudens, de evolutie van de verschillende samenlevingsvormen.

    Deze publicatie wijdt ook een hoofdstuk aan de prospectieve sterftequotïenten, noodzakelijk om de transversale levensverwachting “van het moment” (transversale benadering) en de generationele levensverwachting (longitudinale benadering) te projecteren.

    EFPOP1360 [18/03/2014]
  • Joint Eurostat/UNECE Work Session on Demographic Projections : "A household projection model for Belgium based on individual household membership rates"

    Since many years, Statistics Belgium (Directorate General Statistics and Economic Information - DGSEI) and the Belgian Federal Planning Bureau (FPB) have annually produced official population projections for Belgium at the NUTS3 level used by official Belgian institutions and in several short-, medium-, and long-term projection models (such as economic projections, income poverty, long-term healthcare expenditures, energy, transport) and for specific projects or demands. Aside from these official population projections, interest for household projections is growing. Indeed, understanding the population in this dimension is very useful for numerous aspects of social life (expansion of single-parent households - often mothers - or of isolated households with old persons who are at higher risk of poverty problems or short of support) and of economic life (impact on consumption, taxation, housing, mobility, etc). To do so, a household projection model for Belgium, calibrated on the Belgian population projection at the NUTS 3 level, is under development. The objective of this paper is to describe the model and to present the provisional results.

    SP131029 [29/10/2013]
  • De milieu-impact van de evolutie van de transportvraag tegen 2030

    In september 2012 publiceerden het Federaal Planbureau en de FOD Mobiliteit en Vervoer een nieuwe referentieprojectie voor de langetermijnevolutie van transport in België (FPB en FOD M&V, 2012). Naast de evolutie van het personen‐ en goederenvervoer en de transportkosten, stelt de publicatie ook emissievooruitzichten op voor de broeikasgassen en de belangrijkste polluenten en berekent ze de milieukosten die eraan verbonden zijn. Voor deze berekeningen werkte het Federaal Planbureau samen met VITO in het kader van het LIMOBEL‐ en PROLIBIC‐project, beide gefinancierd door het Federaal Wetenschapsbeleid.

    Deze Working Paper beschrijft de methodologie om de impact van transport op het milieu te berekenen en omvat een meer gedetailleerde analyse van de evolutie tegen 2030 van de CO2‐, NOx‐ en PM2,5‐emissies veroorzaakt door vervoer. Deze gedetailleerde studie omvat onder meer een decompositieanalyse die de verschillende verklarende factoren voor die evolutie kwantificeert.

    Working Paper 11-12 [18/09/2012]
  • Vooruitzichten van de transportvraag in België tegen 2030

    In het kader van een samenwerkingsakkoord tussen het Federaal Planbureau en de FOD Mobiliteit en Vervoer maakt het Federaal Planbureau om de drie jaar langetermijnvooruitzichten voor de transportvraag in België. Deze oefening heeft tot doel een projectie bij ongewijzigd beleid uit te werken die het mogelijk maakt de algemene trends op lange termijn te onderscheiden, elementen aan te reiken waarop een transportbeleid kan steunen en de impact van transportmaatregelen te bestuderen.

    In bijgevoegd bestand werden twee onjuistheden gecorrigeerd: de eerste in tabel 28, de tweede in tabel 30. Deze aanpassingen hebben geen enkele invloed op de algemene conclusies van de studie.

    FORTRANSP_01 [17/09/2012]
  • A computable general equilibrium for Belgium with a special focus on transport policies

    Deze paper heeft als doel het PLANET-model uit te breiden met endogene feedbackmechanismen van de transportsector naar de rest van de economie. Daartoe worden de PLANET-gegevens met betrekking tot vracht- en huishoudelijk transport voor 2003 ingevoerd in een statisch CGE-model van de Belgische economie. Gezinnen gebruiken transport voor woon-werkverkeer of ontspanning, terwijl productiesectoren vrachtvervoer gebruiken als input. Belangrijke terugkoppelingseffecten op gegeneraliseerde transportkosten door congestie worden mogelijk gemaakt. Om het model te illustreren, vergelijken we de gevolgen van een kilometerheffing op uitsluitend vrachtvervoer en een heffing die tevens betrekking heeft op het huishoudelijk transport.

    Working Paper 12-11 [25/08/2011]
  • Analyse de politiques de transport : rapprochement des accises sur les carburants et Eurovignette III

    Deze studie beoogt de impact van twee soorten prijsbeleid in de transportsector te analyseren met behulp van het model PLANET. De soorten prijsbeleid zijn (1) een harmonisatie van de accijnzen op benzine en diesel en (2) een kilometerheffing voor vrachtwagens volgens het Europese voorstel van richtlijn voor het Eurovignet III. De bestudeerde invloeden zijn de gevolgen voor de transportactiviteit van personen en goederen, de milieu-impact en de impact op de maatschappelijke welvaart. Voor beide soorten prijsbeleid wordt de impact op de overheidsbegroting geneutraliseerd via de algemene fiscaliteit of via de fiscaliteit op arbeid.
     

    Working Paper 02-11 [27/01/2011]
Please do not visit, its a trap for bots