Zijn de economische vooruitzichten waarop de federale regering haar begrotingsoefeningen baseert te optimistisch? (14/03/2012)

!

Onderstaande HTML-versie van het communiqué bevat doorgaans niet alle informatie van de PDF-versie. Voor een volledige versie (met grafieken en tabellen), download het communiqué in het kader 'PDF & downloads'.

De economische groei waarmee de federale overheid rekening houdt voor de opmaak van haar begroting 2012 was de voorbije weken het voorwerp van discussie in de media. Het Federaal Planbureau verlaagde in de vooruitzichten van midden februari de geraamde bbp-groei voor 2012 met 1,5 procentpunt ten opzichte van de vooruitzichten van begin september 2011. Is een dergelijke herziening ongewoon? Zijn de vooruitzichten van het Federaal Planbureau systematisch te optimistisch? Een recente studie van het Federaal Planbureau tracht die en andere vragen te beantwoorden door voor de periode 1994-2010 het verschil tussen haar ramingen en de realisaties te analyseren aan de hand van een reeks testen die ook door internationale instellingen gebruikt worden om hun vooruitzichten te evalueren.

  • De economische begroting dient als basis voor de opmaak van de federale begroting
  • De kwaliteit van macro-economische vooruitzichten beoordelen is complex
  • Het verschil tussen de realisaties en de ramingen in de economische begroting voldoet aan de voornaamste kwaliteitseisen die in de economische literatuur vooropgesteld worden
  • Niettemin kunnen die verschillen aanzienlijk zijn, wat de onzekerheid illustreert die elke prospectieve oefening omgeeft

De institutionele kenmerken van de economische begroting

Binnen het Instituut voor de Nationale Rekeningen (INR) is het Federaal Planbureau (FPB) onder meer verantwoordelijk voor de opmaak van de economische begroting: de macro-economische vooruitzichten die gebruikt worden om de federale begroting voor te bereiden. De economische begroting wordt door het Federaal Planbureau onafhankelijk opgesteld en goedgekeurd door de Raad van Bestuur van het INR, die bestaat uit vertegenwoordigers van de instellingen die het INR uitmaken, namelijk de Nationale Bank van België, de Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie van de FOD Economie en het FPB. De economische begroting wordt bovendien voor advies voorgelegd aan een Wetenschappelijk Comité waarin de belangrijkste instellingen die gebruik maken van de vooruitzichten vertegenwoordigd zijn.

Om de transparantie van de vooruitzichten in de economische begroting te verzekeren, wordt een perscommuniqué en nadien een meer volledige publicatie verspreid waarin de hypothesen en de resultaten, maar ook de risico’s die de vooruitzichten omgeven, besproken worden. De methoden en instrumenten die het Federaal Planbureau hanteert, worden bovendien beschreven in publicaties van meer technische aard. Ten slotte worden de vooruitzichten regelmatig geëvalueerd en worden de resultaten van die analyses gepubliceerd. Een dergelijke handelwijze sluit overigens aan bij de nieuwe Europese richtlijn met betrekking tot het begrotingskader van de lidstaten.

Macro-economische vooruitzichten evalueren is complex

Een macro-economische prognose beoordelen is niet zo eenvoudig als het lijkt. De macro-economische vooruitzichten van het FPB beperken zich immers niet tot een groeicijfer voor het bbp, maar leveren een geheel van variabelen die nodig zijn voor de begrotingsopmaak, zoals de evolutie van de componenten van het bbp, de evolutie van de voornaamste prijsindexen en de evolutie van de werkgelegenheid en de werkloosheid. Voor een kleine open economie zoals de Belgische hangt de kwaliteit van de vooruitzichten onder andere af van wat er in het buitenland gebeurt. Daarom dient een evaluatie van macro-economische vooruitzichten naast de eventuele afwijkingen tegenover de realisaties, ook rekening te houden met andere belangrijke criteria, waaronder coherentie en exhaustiviteit.

De realisaties voor macro-economische grootheden zoals het bbp worden met vertraging gepubliceerd en worden bovendien regelmatig herzien. Economische vooruitzichten onderscheiden zich hierin dus duidelijk van weersvoorspellingen, waarvoor de waarnemingen van temperatuur of neerslag onmiddellijk en nauwkeurig gekend zijn. Het INR levert de eerste echte realisatie voor het bbp van het jaar 2012 pas in april 2013 en nadien wordt dat cijfer nog enkele keren herzien. Dergelijke herzieningen kunnen soms groot zijn. In deze analyse definiëren we de eerste observatie uit de Nationale Rekeningen als realisatie.

Vergelijking van de realisaties en de vooruitzichten uit de economische begroting van februari (groeivoeten in procent)

 

De voornaamste onderzoeksresultaten

In de recente evaluatie van de kortetermijnvooruitzichten van het FPB worden de groei van het bbp en zijn belangrijkste componenten (consumptie, investeringen, uitvoer en invoer), de evolutie van de consumptieprijsindex en van de bbp-deflator, net zoals de werkgelegenheid en de werkloosheid tijdens de periode 1994-2010 onder de loep genomen. De analyse spitst zich toe op de september- en de februarivooruitzichten, die opgesteld worden om respectievelijk de begrotingsopmaak voor het volgende jaar en de begrotingscontrole voor te bereiden. De statistische testen geven aan dat de februarivooruitzichten beduidend beter aansluiten bij de realisaties dan de septembervooruitzichten. Toch bedraagt de gemiddelde absolute afwijking bij de begrotingscontrole nog 0,8 procentpunt voor de bbp-groei en een half procentpunt voor de inflatie.

Een dergelijke afwijking is echter niet eigen aan de economische begroting; de - minder gedetailleerde - vooruitzichten van de Europese of internationale instellingen voor België tonen soortgelijke prestaties.

De analyse toont bovendien aan dat de vooruitzichten van het FPB voor de begrotingscontrole niet vertekend zijn, of anders geformuleerd, ze zijn niet systematisch te optimistisch of te pessimistisch. Dat is een bijzonder belangrijke eigenschap aangezien het systematisch uitgaan van een te optimistische macro-economische omgeving de oorzaak kan zijn van een budgettaire ontsporing. Zoals blijkt uit de figuren worden versnellingen of vertragingen van de economische groei en van de inflatie trouwens meestal correct voorspeld.

Please do not visit, its a trap for bots