Page Title

Nieuws

Deze rubriek toont alle actualiteit m.b.t. het FPB, gaande van de meest recente studies, persberichten, en artikels tot aankondigingen van toekomstige publicaties, workshops, colloquia…

Economische Begroting 2003 (06/09/2002)

!

Bovenstaande HTML-versie van het communiqué bevat doorgaans niet alle informatie van de PDF-versie. Voor een volledige versie (met grafieken en tabellen), download het communiqué in PDF-formaat hieronder of in het kader 'PDF & downloads' rechtsbovenaan.

Overeenkomstig de wet van 21 december 1994 heeft het Instituut voor de Nationale Rekeningen (INR) de cijfers van de Economische Begroting 2003 meegedeeld aan de Minister van Economie, op basis van een voorstel van het Federaal Planbureau (FPB). Deze macro-economische vooruitzichten dienen als basis voor de opmaak van de federale ontvangsten- en uitgavenbegrotingen voor het jaar 2003.

De wereldeconomie klimt langzaam uit het dal waarin het vorig jaar verzeild was geraakt.

Tijdens de laatste maanden van vorig jaar kwam in de VS en het eurogebied een einde aan de vrije val van de indicatoren die het vertrouwen van consumenten en ondernemers meten. In Japan werd de positieve kentering in de vertrouwensindicatoren iets later ingezet. De industriële productie bereikte in de VS, het eurogebied en Japan rond de jaarwisseling een dieptepunt (jaar-op-jaargroeivoeten van resp. -6 %, -4 % en -14 % in december 2001), om tijdens de eerste maanden van 2002 flink op te veren. Het volume van de wereldgoederenhandel evolueerde nagenoeg parallel. Na drie opeenvolgende kwartalen van achteruitgang en een stagnatie tijdens het laatste kwartaal van vorig jaar, knoopte de wereldhandel in het eerste kwartaal van dit jaar opnieuw aan met positieve kwartaal-op-kwartaalgroeivoeten.

Figuur 1 - Industriële productie in de eurozone en de Verenigde Staten Volumes, jaar-op-jaargroeivoeten


De herneming van de conjunctuur bleef niet beperkt tot de drie grote economieën. Ook in andere delen van de wereld (i.h.b. in Zuidoost-Azië) werd begin dit jaar een toename van de productie (voornamelijk in de uitvoersector) vastgesteld.

Aanvankelijk was het economisch herstel, vooral in de VS, onverwacht sterk. Na een korte steile klim tijdens de eerste maanden van 2002, geven een aantal indicatoren sindsdien evenwel een hapering of zelfs een terugval te zien. Dat is onder meer het geval voor een aantal vertrouwensindicatoren, die momenteel de tol betalen van te hoog gespannen groeiverwachtingen tijdens de eerste maanden van dit jaar. Tijdens het tweede kwartaal van 2002 bleef de kwartaal-op-kwartaalgroei van het bbp in de VS, de eurozone en Japan vrij matig (tussen 0 en 0,5 %). De aandelenmarkten die rond de jaarwisseling aan beide zijden van de oceaan opveerden, kelderden opnieuw tijdens de zomermaanden als gevolg van de in vraag gestelde geloofwaardigheid van de bedrijfsboekhouding in de VS en de neerwaarts bijgestelde groeiverwachtingen.

Ondanks hapering in de internationale conjunctuur, blijft globaal scenario van herneming in 2003 overeind.

Een nieuwe terugval van de Amerikaanse en Europese economieën tijdens de tweede helft van dit jaar zou niet alleen het groeicijfer voor 2002, maar ook dat voor 2003 zwaar hypothekeren. De neerwaartse bijstellingen van de groeiramingen voor dit en volgend jaar die een aantal conjunctuurinstellingen de afgelopen weken publiceerden, blijven evenwel beperkt (ongeveer een kwart tot een half procentpunt voor beide jaren), waaruit kan afgeleid worden dat een dergelijk ‘double dip’ scenario momenteel niet zeer waarschijnlijk wordt geacht. Zowel de Europese als de Amerikaanse economie bevinden zich nu immers in een betere uitgangspositie dan anderhalf jaar geleden. In de loop van 2001 werden overtollige voorraden afgebouwd en aan de correctie van de overinvesteringen die de kapitaalvoorraad van de bedrijven eind 2000 op een overdreven hoog peil hadden gebracht, lijkt stilaan een einde te komen. De huidige beursmalaise zal onvermijdelijk gevolgen hebben voor de dynamiek van de gezinsconsumptie en de bedrijfsinvesteringen, maar, indien een verdere val van de aandelenkoersen uitblijft, zouden die effecten eerder van korte duur zijn. Terwijl in het eurogebied tijdens de eerste maanden van het conjunctuurherstel vooral de uitvoer een voortrekkersrol vervulde, zal de bevestiging van de herneming tijdens de komende kwartalen hoofdzakelijk afhangen van de ontwikkeling van de bedrijfsinvesteringen en de werkgelegenheid. De investerings- en werkgelegenheidscyclus zouden pas tegen eind dit jaar hun dieptepunt bereiken.

De onzekerheid omtrent de kracht van de herneming heeft ook voor gevolg dat tot dusver geen enkele van de drie belangrijkste centrale banken (in de VS, eurozone en Japan) haar basisrente verhoogd heeft, waardoor die zich vandaag nog steeds op het lage niveau bevinden dat eind vorig jaar werd bereikt. Voor de komende maanden wordt geen verandering in die houding verwacht, temeer daar de inflatie eveneens in dalende lijn verloopt. Een stijging van de korte rentevoeten wordt pas in de loop van 2003 verwacht, wanneer het conjunctuurherstel aan kracht wint. Hoewel als gevolg van een terugvloei van kapitalen naar de aandelenmarkten een zekere toename van de langetermijnrentevoeten in de VS en Europa kan optreden, zouden deze zowel in nominale als in reële termen vrij laag blijven en zeker geen belemmering vormen voor de herneming van de groei.

Het Belgische bbp in 2002: tweede opeenvolgende jaar met zwakke groei

Met een groeicijfer van 0,7 % zou de toename van het Belgische bbp tegen constante prijzen dit jaar nog iets lager uitvallen dan vorig jaar. Het reëel beschikbaar inkomen van de gezinnen zou al bij al nog een behoorlijke groei kennen (2,1 %), vooral dankzij een indexering van de lonen en de sociale uitkeringen die hoger ligt dan de inflatie, de verdere afbouw van de aanvullende crisisbelasting en de belastingverlagingen die werden toegekend in het kader van de hervorming van de personenbelasting. Die toename van de koopkracht van de gezinnen zou zich echter niet vertalen in een even sterke groei van de particuliere consumptie. De terugloop van de werkgelegenheid en de daling van de aandelenkoersen die nu reeds meer dan anderhalf jaar aanhoudt, zetten de gezinnen immers aan een groter deel van hun inkomen te sparen. De gezinsspaarquote zou dit jaar gevoelig toenemen tot 15,8 %, tegenover 14,4 % in 2001. In die context zouden ook de gezinsinvesteringen in woongebouwen dit jaar verzwakken en zelfs een licht negatieve gemiddelde jaarlijkse groei te zien geven (-0,1 %). Ook de bedrijfsinvesteringen zouden dit jaar een negatieve volumegroei noteren (-2,8 %), grotendeels als correctie op een zekere overinvestering gedurende de voorbije jaren. Ondanks een duidelijke herneming van de uitvoer in de loop van 2002, zou de jaargemiddelde groeivoet licht negatief blijven (-0,4 %). Het fenomeen van de voorraadafbouw dat zich in 2001 voordeed, verdwijnt dit jaar, zodat de voorraadwijzigingen in 2002 een positieve bijdrage tot de economische groei van 0,6 % zouden leveren.

Groei bbp herneemt in 2003

De conjuncturele herneming, die momenteel reeds duidelijk zichtbaar is in de Belgische uitvoer, zou nog in de loop van 2002 gevolgd worden door een positieve kentering in de particuliere consumptie. Die laatste zou volgend jaar gelijke tred houden met de evolutie van het beschikbaar gezinsinkomen en dus niet langer afgeremd worden door een toename van de spaarneiging van de particulieren. In tegenstelling tot dit jaar, zou het beschikbaar inkomen van de gezinnen gevoed worden door een toename van de werkgelegenheid. Onder invloed daarvan en van de voortgezette hervorming van de personenbelasting zou de koopkracht van de gezinnen volgend jaar met 2,3 % toenemen.

De huidige onzekerheid omtrent de kracht van het economisch herstel, de beursmalaise en de verslechterde rendabiliteit van de bedrijven staan een snel herstel van de bedrijfsinvesteringen in de weg. De bedrijfsinvesteringen zouden pas begin volgend jaar hun omslagpunt bereiken, merkelijk later dus dan de uitvoer en de gezinsconsumptie. Dat zou resulteren in een matige groei van de bedrijfsinvesteringen van 2,9 % in 2003.

Figuur 2 - Verloop van het bbp op kwartaalbasis

De groei van de totale binnenlandse vraag zou volgend jaar aantrekken tot 2,3 %, na een groei met amper 0,7 % dit jaar. De uitvoer zou in 2003 met 5,7 % toenemen, wat zou uitmonden in een positieve bijdrage van de netto-uitvoer van 0,4 %. Ondanks een bbp-groei van 2,6 % volgend jaar zou de output toch nog 1 procentpunt onder zijn trendmatig niveau blijven.

Geleidelijke herneming werkgelegenheid

Aan de onafgebroken groei van de binnenlandse werkgelegenheid kwam een abrupt einde tijdens het laatste kwartaal van 2001, mede onder invloed van de gebeurtenissen van 11 september en het faillissement van Sabena. De werkloosheidscijfers voor de eerste jaarhelft van 2002 bevestigen dat ook tijdens de eerste twee kwartalen van 2002 de werkgelegenheid afnam. De prille fase van een herneming gaat bovendien typisch gepaard met een sterke stijging van de productiviteitsgroei, zodat de werkgelegenheidsgroei ten vroegste opnieuw positief zou worden vanaf het vierde kwartaal van 2002, om nadien geleidelijk aan kracht te winnen in de loop van 2003. Met een dergelijk kwartaalprofiel, zou de binnenlandse werkgelegenheid krimpen met 0,2 % (-9 700 personen) in 2002 en groeien met 0,8 % (30 300 personen) in 2003. De werkgelegenheidsgraad (verhouding tussen totale werkzame bevolking en bevolking op arbeidsleeftijd; in jaargemiddelden) zakt bijgevolg van 59,6 % in 2001 naar 59,1 % in 2002, maar stijgt terug naar 59,5 % in 2003.

Figuur 3 - Verloop van de binnenlandse werkgelegenheid op kwartaalbasis (kwartaal-op-kwartaal verandering in duizendtallen)

Ook de beroepsbevolking (volgens de definitie van het Federaal Ministerie van Tewerkstelling en Arbeid) zou blijven aanwassen (met afgerond 37 000 personen) in 2003. Nochtans dragen demografische verschuivingen nog nauwelijks bij tot de ontwikkeling van het arbeidsaanbod en valt de impuls die uitging van de regularisatiecampagne weg. Daar staat tegenover dat de structurele tendens naar hogere participatie van vrouwen op de arbeidsmarkt versterkt wordt doordat de pensioengerechtigde leeftijd voor vrouwen in 2003 met één jaar verhoogd wordt. Bovendien drukken de maatregelen ter bevordering van de activiteitsgraden bij 50-plussers het aantal vervroegde uittredingen uit de arbeidsmarkt die gesubsidieerd worden door de RVA (brugpensioenen; ‘oudere werklozen’). De werkloosheid (definitie FMTA) zou in die omstandigheden in absolute termen nog licht toenemen in 2003 (met 5 800 personen), terwijl de werkloosheidsgraad volgend jaar constant zou blijven.

Inflatie blijft lager dan 2 % in 2002 en 2003

Sinds het tweede kwartaal van 2002 geeft de onderliggende inflatie een forse daling te zien die zich tot het einde van dit jaar zou verderzetten. Naarmate de herneming aan kracht wint in 2003 zou de onderliggende inflatie terug licht toenemen. In jaargemiddelde zou de onderliggende inflatie 2,3 % bedragen dit jaar en 2,0 % volgend jaar.

Twee elementen zorgen ervoor dat de geobserveerde inflatie zowel dit jaar als volgend jaar lager zou uitvallen dan de onderliggende inflatie. Een eerste factor zijn de lagere energieprijzen, die onder meer het gevolg zijn van de vrijmaking van de elektriciteitsmarkt. De tweede factor is de afschaffing van het kijk- en luistergeld in Vlaanderen en Brussel die in twee stappen (april en oktober 2002) doorgerekend wordt in het indexcijfer. Als gevolg daarvan wordt de jaargemiddelde groeivoet van het nationaal indexcijfer der consumptieprijzen en de gezondheidsindex in 2002 én 2003 gedrukt met 0,3 procentpunt.

Al bij al zou het nationaal indexcijfer der consumptieprijzen toenemen met 1,5 % in 2002 en met 1,4 % in 2003, tegenover 2,5 % in 2001. De gezondheidsindex, die niet meeprofiteert van de lagere benzine- en dieselprijzen dit jaar, zou een groei laten optekenen van 1,7 % dit jaar en 1,3 % volgend jaar, tegenover 2,7 % in 2001.

Overeenkomstig de maandvooruitzichten voor de gezondheidsindex zou de volgende overschrijding van de spilindex -die momenteel 111,64 bedraagt- plaatsvinden in juli 2003. Als gevolg daarvan zouden de sociale uitkeringen in augustus 2003 en de lonen en wedden van het overheidspersoneel in september 2003 met 2 % aangepast worden aan de toegenomen levensduurte.

Risico’s in verband met het scenario van de herneming van de wereldeconomie

Het centrale scenario van een blijvend herstel van de wereldeconomie gedurende de komende kwartalen is niet vrij van een aantal risico’s.

In de eerste plaats zijn er de onzekerheden die te maken hebben met de volatiliteit en de terugval van de aandelenmarkten. Indien de winsten van de Amerikaanse bedrijven lager blijven dan de verwachtingen, kan de vertrouwenscrisis die momenteel heerst bij consumenten, ondernemers en beleggers alleen maar dieper worden, wat een voortzetting van de herneming in de VS in vraag zou stellen. Een minder sterke prestatie van de Amerikaanse economie heeft belangrijke gevolgen voor de wereldvraag en de depreciatie van de dollar die er onvermijdelijk mee gepaard gaat, zou bovendien op korte termijn de competitiviteit van de Europese exporterende bedrijven aantasten. Tevens zou ook een grotere terughoudendheid vanwege de financiële markten om het oplopende Amerikaanse tekort op de betalingsbalans te financieren kunnen uitmonden in een verdere depreciatie van de Amerikaanse munt, wat het scenario van de herneming zowel in de VS als daarbuiten zou ondermijnen.

Daarnaast zou het beeld van de internationale economische omgeving ook kunnen versomberen door een nieuwe plotse opstoot van de olieprijzen in de context van eventuele militaire acties in het Midden-Oosten. Ondanks de dalende trend in de energie-intensiteit van de productie, hebben de voorbije jaren duidelijk gemaakt dat aanzienlijke olieprijswijzigingen niet zonder gevolgen blijven voor de economische groei. In deze fase van de conjunctuurcyclus zou een uitholling van de koopkracht van de gezinnen door de duurdere olie een belangrijke hypotheek leggen op de verwachte herneming van de binnenlandse vraag in het eurogebied.

  Beschikbare gegevens

None
Please do not visit, its a trap for bots