Nicole Fasquelle

Nicole Fasquelle is licentiaat in de economische wetenschappen (Université Libre de Bruxelles – 1988) en heeft een bijzondere licentie in de econometrie (Vrije Universiteit Brussel – 1989). Na enkele jaren gewerkt te hebben aan de Université Libre de Bruxelles, is ze in 1992 in dienst getreden bij het Federaal Planbureau waar ze momenteel eerste opdrachthouder is in de equipe ‘Sociale bescherming, demografie en toekomstverkenning’. Ze werkt hoofdzakelijk aan de langetermijnprojecties van de sociale uitgaven en de overheidsfinanciën en aan de korte-middellangetermijnprojecties van de werkloosheidsuitkeringen. Ze is tevens secretaris van de Studiecommissie voor de Vergrijzing.

 

Contactgegevens

Equipes

  • Sociale bescherming, demografie en toekomstverkenning
  • Macrobudgettaire impact van een verhoging van de minimale sociale uitkeringen

    Dit rapport stelt de macro-economische en -budgettaire impact op middellange termijn voor van het optrekken van de federale sociale minimumuitkeringen tot de armoededrempel. Het werd gerealiseerd op vraag van de Vice-eersteminister en minister van Werk, Economie en Consumenten.

    REP_MINIMA_11760 [11/01/2019]
  • Evolutie van de sociale kwaliteit van de eerstepijlerpensioenen op basis van macrobudgettaire indicatoren

    Om de werkzaamheden van de Academische Raad te ondersteunen, toont dit rapport een evaluatie van de toekomstige evolutie van de sociale kwaliteit van de eerstepijlerpensioenen via verschillende indicatoren, zoals de vervangingsratio (verhouding tussen het gemiddeld rustpensioen van de nieuwe gepensioneerden en het laatste gemiddelde beroepsinkomen), de benefit ratio (verhouding tussen het gemiddeld pensioen van alle gepensioneerden en het gemiddeld beroepsinkomen van alle werkenden) en de wettelijke minima en maxima. Die indicatoren worden voorgesteld voor de drie pensioenregelingen (werknemers, zelfstandigen en overheidssector) en, indien van toepassing, uitgesplitst volgens geslacht. Merk op dat alle pensioenen in dit rapport in bruto termen (voor belastingen en sociale bijdragen) staan en het enkel om het eerstepijlerpensioen gaat. Eventuele aanvullingen in de vorm van sociale bijstandsuitkeringen of aanvullende pensioenen (2de of 3de pijler) worden dus niet meegerekend.

    REP_CEP2_11081 [31/03/2016]
  • Analyse van de effecten van de hervorming van de pensioenen en van de werkloosheid met bedrijfstoeslag

    Dit verslag werd opgesteld op verzoek van het Nationaal Pensioencomité en de strategische cel van het kabinet Pensioenen. Het toont de effecten van de hervorming van de pensioenen (verstrenging van de voorwaarden voor vervroegd pensioen, verhoging van de wettelijke pensioenleeftijd, afschaffing van de diplomabonificatie in de berekening van de loopbaanduur voor vervroegd pensioen in de overheidsregeling, afschaffing van de pensioenbonus) en van de werkloosheid met bedrijfstoeslag op een bepaald aantal indicatoren: de loopbaanduur van personen die met pensioen gaan, het aantal personen dat recht heeft op vervroegd pensioen, de socio-economische samenstelling van de bevolking en het gemiddeld pensioen.

    REP_CEP_01 [25/09/2015]
  • Economische vooruitzichten 2015-2020

    De ‘Economische vooruitzichten 2015-2020’ kondigen een groeiherstel van de Belgische economie aan. Die groei is nog relatief bescheiden (gemiddeld 1,5 % per jaar), maar zou gepaard gaan met een vrij sterke werkgelegenheidsgroei (gemiddeld bijna 34 000 jobs per jaar). Het economisch gewicht van de gezamenlijke overheid zou afnemen, o.m. in termen van werkgelegenheid, en samen met de daling van de rentelasten bijdragen tot de aanzienlijke vermindering van het overheidstekort, dat 1,1 % van het bbp zou bedragen in 2020.

    Economic outlook 2015-2020 [12/05/2015]
  • De budgettaire gevolgen van de vergrijzing voor België tot 2060 - Raming van maart 2015 met de hervormingen van de regering Michel

    Ieder jaar werkt het Federaal Planbureau mee aan de voorbereiding van het Belgisch Stabiliteitsprogramma door het opstellen van de economische vooruitzichten op middellange termijn en vooruitzichten van de leeftijdsgebonden overheidsuitgaven op lange termijn (ʹage‐related public expenditureʹ). Deze laatste worden gebruikt voor het ʹlangetermijnluikʹ van het Stabiliteitsprogramma. Dit wordt telkens gebaseerd op het referentiescenario van het laatst beschikbare rapport van de Studiecommissie voor de Vergrijzing (SCvV ‐ waarvoor het Federaal Planbureau fungeert als technisch en administratief secretariaat) , behalve wanneer er zoals dit jaar intussen hervormingen zijn doorgevoerd die dat scenario grondig wijzigen. Vanuit dat oogpunt stelt het huidige rapport een scenario voor van de evolutie van de leeftijdsgebonden overheidsuitgaven op lange termijn, rekening houdende met de maatregelen van de regering Michel.

    REP_LTMARCH2015_10994 [30/03/2015]
  • Economische vooruitzichten 2015-2020 Versie van maart 2015

    Dit rapport vormt een bijdrage tot de voorbereiding van het nieuwe Stabiliteitsprogramma en van het nieuwe Nationaal Hervormingsprogramma (NHP). Het vermeldt de voornaamste resultaten van de voorlopige versie van de “Economische vooruitzichten 2015-2020” die in mei 2015 gepubliceerd zullen worden.

     

    Economic outlook 2015-2020 0 [19/03/2015]
  • La soutenabilité de la protection sociale

    Deze Working Paper behandelt de financiële en sociale houdbaarheid van ons stelsel van sociale bescherming. De resultaten van de voorliggende publicatie werden voorgesteld op het 20ste Congres van de Franstalige Belgische economisten en gepubliceerd in het congresboek. Bij ongewijzigd beleid en in een context van vergrijzing, wijzen de langetermijnvooruitzichten van de overheidsfinanciën op een belangrijke budgettaire uitdaging. In dat kader worden in deze paper bepaalde pistes gevolgd die steunen op de drie hoofdlijnen van de Europese strategie die tijdens de top van Stockholm 2001 werden uitgetekend. De begrotingsstrategie (eerste hoofdlijn) van het Belgisch stabiliteitsprogramma volstaat op zich niet om de houdbaarheid van de overheidsfinanciën op lange termijn te waarborgen. Deze strategie moet dus worden aangevuld met hervormingen die tot doel hebben de economische groei te ondersteunen (via de werkgelegenheid of de productiviteit, de tweede hoofdlijn) of met hervormingen van de pensioenstelsels (in het kader van de derde hoofdlijn). De sociale gevolgen van hervormingen die de generositeit van de pensioenstelsels aantasten, mogen echter niet uit het oog worden verloren.

    Working Paper 15-13 [13/12/2013]
  • Contribution au 20e Congrès des Economistes belges de langue française - La soutenabilité de la protection sociale

    SP131121_02 [21/11/2013]
  • Maatregelen genomen in 2012 in de takken werkloosheid en pensioenen: evaluatie van de effecten volgens geslacht

    In de loop van het jaar 2012 heeft de regering een aantal maatregelen geïntroduceerd in de pensioenregelingen, de werkloosheid met bedrijfstoeslag (het vroegere brugpensioen) en de werkloosheid. De macro-economische, budgettaire en so ciale effecten van die maatregelen werden geëvalueerd in bepaalde publicaties van het Federaal Planbureau of van de Studiecommissie voor de vergrijzing. De voorliggende publicatie van het Federaal  Planbureau heeft als doelstelling de impact te analyseren van bepaalde maatregelen met betrekking  tot de werkloosheidsuit kering en het rustpensioen naar geslacht. Deze analyse kent een dubbel perspectief: een macro-budgettair en een micro-economisch perspectief. In eerste instantie wor den de gedifferentieerde effecten voor mannen en vrouwen van de hervorming van de arbeidsmarkt, van het aantal gerechtigden op een sociale uitkering en van de gemiddelde pensioenen per regeling geanalyseerd.  In tweede instantie worden de effecten geanalyseerd van bepaalde maatregelen in de takken werkloosheid en pensioen in termen van ongelijkheid en armoede, steeds met als doel de effecten op mannen en vrouwen te differentiëren.

    Working Paper 03-13 [28/02/2013]
  • HOGE RAAD VAN FINANCIËN - Studiecommissie voor de vergrijzing - Jaarlijks verslag

    Deze publicatie vormt het 11e jaarverslag van de Studiecommissie voor de Vergrijzing (SCvV). Die Commissie werd opgericht in het kader van de wet van 5 september 2001 tot waarborging van een voortdurende vermindering van de overheidsschuld en tot oprichting van een Zilverfonds. De SCvV is belast met de jaarlijkse redactie van een verslag over de budgettaire en sociale gevolgen van de vergrijzing.

    Het eerste hoofdstuk omvat de evolutie van alle sociale uitgaven tegen het jaar 2060. Deze projectie steunt op een demografisch scenario, een socio-economisch scenario, een macro-economisch scenario en een scenario inzake sociaal beleid. De resultaten worden voorgesteld volgens een referentiescenario en twee alternatieve scenario's voor productiviteitsgroei op lange termijn. Deze nieuwe vooruitzichten houden rekening met de effecten van verschillende structurele hervormingen die beslist werden in het kader van het Regeerakkoord van december 2011. Die hervormingen hebben meer bepaald betrekking op de toegangsvoorwaarden tot het vervroegd pensioen in de drie wettelijke pensioenstelsels, bepaalde bijzonderheden van de berekeningswijzen van de pensioenen, de versterking van de toegangsvoorwaarden tot het werkloosheidsstelsel met bedrijfstoeslag (brugpensioen), wijzigingen in het stelsel van de werkloosheidsverzekering en tot slot een geheel van maatregelen om de toegang tot het stelsel van het tijdskrediet en loopbaanonderbreking te beperken. Hoofdstuk 2 van dit verslag is integraal gewijd aan de beschrijving van die hervormingen en hun impact op de budgettaire kosten van de vergrijzing. Hoofdstuk 3 toont verschillende indicatoren voor de sociale  houdbaarheid van de pensioenen, zowel op basis van de meest recente gegevens als in projectie. Tot slot is een laatste hoofdstuk gewijd aan de langetermijnprojecties in het kader van de «Ageing Working Group» opgericht binnen het Comité voor Economisch Beleid van de Europese Raad ECOFIN.

    FORVERG201201 [08/10/2012]
  • Regionale economische vooruitzichten 2012-2017

    Dit rapport presenteert de resultaten van de regionalisering van de nationale economische vooruitzichten van het Federaal Planbureau  voor de periode 2012-2017. Net als de vorige rapporten , is dit rapport het resultaat van een samenwerking tussen het Federaal Planbureau en de studiediensten van de drie Belgische gewesten (BISA, IWEPS en SVR ). Die samenwerking die eind 2005 van start ging, heeft de ontwikkeling van het multiregionaal en multisectoraal HERMREG-model mogelijk gemaakt, een model dat in de categorie macro-econometrische modellen van het top-downtype kan worden gerangschikt. HERMREG  stemt volledig overeen met het nationale HERMES-model van het Federaal Planbureau. Dat betekent dat de nationale middellangetermijnvooruitzichten van HERMES opgesplitst worden op het niveau van de beschouwde entiteiten op basis van endogene regionale verdeelsleutels.

    OPHERMREG1201 [Contribuant - 16/07/2012]
  • Hoge Raad van Financïen - Advies van de Studiecommissie voor de Vergrijzing - Evaluatie van de pensioenbonus

    Deze publicatie betreft het advies van de Studiecommissie voor de Vergrijzing over het effect van de pensioenbonus op de verlenging van de beroepsactiviteit conform het koninklijk besluit van 1 februari 2007. De pensioenbonus werd ingesteld door de wet van 23 december 2005 betreffende het Generatiepact en wordt toegekend aan werkenden uit de werknemers- en zelfstandigenregeling die hun beroepsleven verder zetten na de leeftijd van 62 jaar of na een loopbaan van minstens 44 jaar.

    OPVERG201201 [11/06/2012]
  • Economische vooruitzichten 2012-2017

    Economic outlook 2012-2017 [14/05/2012]
  • Economische begroting - Economische vooruitzichten 2012

    Overeenkomstig de wet van 21 december 1994 heeft het Instituut voor de Nationale Rekeningen (INR) de cijfers van de economische begroting meegedeeld aan de minister van Economie. Volgens de gangbare procedure heeft het Federaal Planbureau (FPB) een voorstel van economische begroting voorgelegd aan het wetenschappelijk comité en aan de raad van bestuur van het INR. Laatstgenoemde keurt de definitieve cijfers goed en draagt de eindverantwoordelijkheid. Het wetenschappelijk comité heeft een gunstig advies uitgebracht over de economische begroting.

    Deze vooruitzichten houden rekening met de jaaraggregaten die gepubliceerd werden in deel 2 van de Nationale rekeningen 2010 (‘Gedetailleerde rekeningen en tabellen’), alsook met de voornaamste aggregaten tot het derde kwartaal van 2011 en met de bbp-flashraming voor het vierde kwartaal.

    De hypothesen in verband met de internationale omgeving zijn gebaseerd op recente consensusvooruitzichten (Consensus Economics) en kwartaalramingen van de wereldgoederenhandel die opgesteld werden door het Nederlandse Centraal Planbureau. De evolutie van de financiële variabelen (wisselkoersen, rentevoeten, olieprijzen) werd afgeleid uit de verwachtingen van de financiële markten van eind januari. De vooruitzichten voor België werden gegenereerd aan de hand van de jaar- en de kwartaalversie van het Modtrim-model, dat op het FPB werd ontwikkeld. Deze vooruitzichten werden voltooid op 9 februari 2012.

    Economic forecasts 2012 [Contribuant - 09/03/2012]
  • The methodology developed by the Federal Planning Bureau to produce long-term scenarios

    Sinds 1987 stelt het Federaal Planbureau langetermijnvooruitzichten op voor de evolutie van het geheel van sociale uitgaven in een context van globale overheidsfinanciën. Die vooruitzichten berusten op verschillende scenario's. Deze publicatie heeft als doel de methodologie voor de opbouw van de socio-economische en en macro-economische scenario's toe te lichten en te illustreren aan de hand van de voornaamste resultaten van de projectie uit 2011 voor het Jaarverslag van de Studiecommissie voor de Vergrijzing. De methodologie verloopt als volgt. Allereerst verdeelt de socio-economische projectie de bevolking in vier categorieën: de schoolbevolking, de potentiële beroepsbevolking, de invalide bevolking en de overige bevolking. Vervolgens bepaalt het macro-economisch scenario de evolutie van de werkgelegenheid en de productiviteit. In de tweede fase van de socio-economische projectie, ten slotte, worden werkgelegenheid en werkloosheid nauwkeuriger opgesplitst en wordt het aantal gepensioneerden geraamd.

    Working Paper 05-12 [06/03/2012]
  • Economische begroting - Economische vooruitzichten 2011-2012 / september 2011

    Overeenkomstig de wet van 21 december 1994 heeft het Instituut voor de Nationale Rekeningen (INR) de cijfers van de economische begroting meegedeeld aan de minister voor Ondernemen en Vereenvoudigen. Volgens de gangbare procedure heeft het Federaal Planbureau (FPB) een voorstel van economische begroting voorgelegd aan het wetenschappelijk comité en aan de raad van bestuur van het INR. Laatstgenoemde keurt de definitieve cijfers goed en draagt de eindverantwoordelijkheid. Het wetenschappelijk comité heeft een gunstig advies uitgebracht over de economische begroting.

    Deze vooruitzichten houden rekening met de jaaraggregaten die gepubliceerd werden in deel 1 van de Nationale rekeningen 2010 (‘Eerste raming van de jaarlijkse rekeningen’), met de kwartaalaggregaten tot het eerste kwartaal van 2011 en met de flash-raming van het bbp in het tweede kwartaal.

    De hypothesen in verband met de internationale omgeving werden, voor wat de economische groei van Belgiës belangrijkste handelspartners betreft, bepaald op basis van vertrouwensindicatoren (voor het tweede semester van 2011) en veronderstellen (voor 2012) een geleidelijke terugkeer naar de kwartaalgroei die de Europese Commissie in haar vooruitzichten van mei publiceerde. De evolutie van de financiële variabelen (wisselkoersen, rentevoeten, olieprijzen) werd afgeleid uit de verwachtingen van de financiële markten van begin september. De vooruitzichten voor België werden gegenereerd aan de hand van de jaar- en de kwartaalversie van het Modtrim-model, dat op het FPB werd ontwikkeld. Deze vooruitzichten werden voltooid op 8 september 2011.

    Economic forecasts 2011-2012 [Contribuant - 27/09/2011]
  • HOGE RAAD VAN FINANCIËN - Studiecommissie voor de vergrijzing - Jaarlijks verslag

    De wet van 5 september 2001 tot waarborging van een voortdurende vermindering van de overheidsschuld en tot oprichting van een Zilverfonds heeft ook geleid tot de oprichting van de Studiecommissie voor de Vergrijzing (SCvV). Die Commissie is belast met de jaarlijkse redactie van een verslag over de budgettaire en sociale gevolgen van de vergrijzing. De voorliggende publicatie is het tiende verslag van de SCvV.

    Het eerste hoofdstuk toont de geactualiseerde vooruitzichten van de sociale uitgaven tegen 2060 volgens een referentiescenario en twee alternatieve scenario’s voor productiviteitsgroei op lange termijn. Die projecties sluiten aan bij de nieuwe bevolkingsvooruitzichten 2010-2060 die in het tweede hoofdstuk nader worden toegelicht. De SCvV heeft op regelmatige basis gevoeligheidsanalyses voorgesteld met betrekking tot de werkgelegenheidsgraad van 55-64-jarigen of inzake de effectieve uitstapleeftijd uit de arbeidsmarkt, zonder echter de maatregelen te verkennen die tot dergelijke evoluties zouden leiden. Dit jaar heeft de SCvV de gevolgen van een verhoging van de loopbaanvoorwaarde vereist voor een vervroegd of brugpensioen bestudeerd (hoofdstuk 3). Ten slotte toont hoofdstuk 4 de verschillende indicatoren voor de sociale houdbaarheid van de pensioenen, zowel op basis van de meest recente gegevens als in projectie.

    OPVERG201101 [27/06/2011]
  • Economische vooruitzichten 2011-2016

    Economic outlook 2011-2016 [12/05/2011]
  • Welvaartsbinding van sociale en bijstandsuitkeringen

    Een van de voornaamste onderdelen van het recente voorstel van interprofessioneel akkoord 2011-2012 heeft betrekking op de welvaartsbinding van de sociale uitkeringen. Dat voorstel voor welvaartsaanpassing van de sociale uitkeringen is het resultaat van een lang proces en kadert in de wet op het Generatiepact, die eind 2005 een structureel mechanisme instelde dat de sociale uitkeringen bindt aan de welvaartsevolutie. Deze Working Paper ‘Welvaartsbinding van de sociale uitkeringen’ beschrijft de eerste fase van dat proces, namelijk de berekening van de beschikbare financiële middelen voor de aanpassing van de sociale uitkeringen voor de periode 2011-2012, waaraan het Federaal Planbureau heeft meegewerkt. Meer bepaald in de werknemersregeling bedragen die middelen 233,8 miljoen euro in 2011 en 497,9 miljoen euro in 2012, terwijl het recente voorstel van IPA echter voorziet niet meer dan 60% van die middelen te gebruiken. Daarnaast biedt deze paper een overzicht van het sociaal beleid in België door enerzijds de voornaamste keerpunten van dit beleid te beschrijven en anderzijds de evolutie van de gemiddelde bedragen van de belangrijkste sociale uitkeringen vanaf 1980 te analyseren. Het resultaat is een contrastrijk landschap: in tegenstelling tot de werklozen en de invaliden, zagen de gepensioneerden globaal genomen hun relatieve levensstandaard stijgen over de periode 1980-2009.

    Working Paper 04-11 [15/03/2011]
  • Economische begroting - Economische vooruitzichten 2011

    Overeenkomstig de wet van 21 december 1994 heeft het Instituut voor de Nationale Rekeningen (INR) de cijfers van de economische begroting meegedeeld aan de minister voor Ondernemen en Vereenvoudigen. Volgens de gangbare procedure heeft het Federaal Planbureau (FPB) een voorstel van economische begroting voorgelegd aan het wetenschappelijk comité en aan de raad van bestuur van het INR. Laatstgenoemde keurt de definitieve cijfers goed en draagt de eindverantwoordelijkheid. Het wetenschappelijk comité heeft een gunstig advies uitgebracht over de economische begroting.

    Deze vooruitzichten houden rekening met de jaaraggregaten die gepubliceerd werden in deel 2 van de Nationale rekeningen 2009 (‘Gedetailleerde rekeningen en tabellen’) en met de kwartaalaggregaten tot het derde kwartaal van 2010.

    De hypothesen in verband met de internationale omgeving zijn gebaseerd op recente consensusvooruitzichten (The Economist) en kwartaalramingen van de wereldgoederenhandel die opgesteld werden door het Nederlandse Centraal Planbureau. De evolutie van de financiële variabelen (wisselkoersen, rentevoeten, olieprijzen) is afgeleid uit de verwachtingen van de financiële markten van midden januari. De vooruitzichten voor België werden gegenereerd aan de hand van de jaar‐ en de kwartaalversie van het Modtrim‐model, dat op het FPB werd ontwikkeld. Deze vooruitzichten werden voltooid op 25 januari 2011.

    Economic forecasts 2011 [Contribuant - 24/02/2011]
  • Regionale economische vooruitzichten 2009-2015

    Dit rapport presenteert de resultaten van de regionalisering van de nationale economische vooruitzichten van het Federaal Planbureau voor de periode 2009-2015. Net als de vorige rapporten, is dit rapport het resultaat van een samenwerking tussen het Federaal Planbureau en de studiediensten van de drie Belgische gewesten (BISA, IWEPS en SVR). Die samenwerking die eind 2005 van start ging, heeft de ontwikkeling van het multiregionaal en multisectoraal HERMREG-model mogelijk gemaakt, een model dat in de categorie macro-econometrische modellen van het top-downtype kan worden gerangschikt. HERMREG4 stemt volledig overeen met het nationale HERMES-model van het Federaal Planbureau. Dat betekent dat de nationale middellangetermijnvooruitzichten van HERMES opgesplitst worden op het niveau van de beschouwde entiteiten op basis van endogene regionale verdeelsleutels.

    OPHERMREG1001 [Contribuant - 09/07/2010]
  • HOGE RAAD VAN FINANCIËN - Studiecommissie voor de vergrijzing - Jaarlijks verslag

    De Studiecommissie voor de Vergrijzing (SCvV) werd opgericht in het kader van de wet van 5 september 2001 tot waarborging van een voortdurende vermindering van de overheidsschuld en tot oprichting van een Zilverfonds. De voorliggende publicatie is het negende rapport van de SCvV en bestudeert de budgettaire en sociale gevolgen van de vergrijzing op lange termijn. Dit verslag wordt bezorgd aan de regering, aan de Afdeling “Financieringsbehoeften van de overheid” van de Hoge Raad voor Financiën, aan de Centrale Raad voor het Bedrijfsleven en aan de Nationale Arbeidsraad.

    De vorige editie van het jaarverslag werd gerealiseerd in een context van een macroeconomische en financiële crisis waardoor het uiterst moeilijk was om het macro-economisch scenario te definiëren waarop de langetermijnvooruitzichten van de evolutie van de sociale uitgaven zijn gebaseerd. In die context opteerde de SCvV voor de presentatie van drie productiviteitsscenario’s: een referentiescenario gekenmerkt door een jaarlijkse productiviteitsgroei van 1,5%, dat zich in het midden situeert van een scenario met een hogere productiviteitsgroei (van 1,75% per jaar) en één met een zwakkere productiviteitsgroei (van 1,25% per jaar). De SCvV kiest opnieuw voor die benadering in het voorliggende verslag. Hoofdstuk 1 evalueert de budgettaire kosten van de vergrijzing volgens die drie scenario’s. Het tweede hoofdstuk is gewijd aan de vervroegde uittredingen uit de arbeidsmarkt. Het bevat een beschrijvende analyse van de socio-economische statuten van de bevolking van 50 tot 64 jaar, en heeft daarbij aandacht voor de vormen van vervroegde uittredingen uit de arbeidsmarkt (brugpensioen, vervroegd pensioen en invaliditeit). Er wordt tevens een gevoeligheidsanalyse gepresenteerd waarbij de effectieve uittredingsleeftijd uit de arbeidsmarkt wordt verhoogd. Ten slotte stelt een derde hoofdstuk een actualisatie voor van de resultaten met betrekking tot het armoederisico, gebaseerd op de enquête EU-SILC 2008. Dit hoofdstuk geeft tevens een langetermijnprojectie van verschillende indicatoren inzake sociale houdbaarheid.

    OPVERG201001 [05/07/2010]
  • Economische vooruitzichten 2010-2015

    Economic outlook 2010-2015 [19/05/2010]
  • Economische begroting - Economische vooruitzichten 2010-2011

    Overeenkomstig de wet van 21 december 1994 heeft het Instituut voor de Nationale Rekeningen (INR) de cijfers van de economische begroting meegedeeld aan de minister voor Ondernemen en Vereenvoudigen. Volgens de gangbare procedure heeft het Federaal Planbureau (FPB) een voorstel van economische begroting voorgelegd aan het wetenschappelijk comité en aan de raad van bestuur van het INR. Laatstgenoemde keurt de definitieve cijfers goed en draagt de eindverantwoordelijkheid. Het wetenschappelijk comité heeft een gunstig advies uitgebracht over de economische begroting.

    Deze vooruitzichten werden voltooid op 10 februari 2010.

    Economic forecasts 2010-2011 (2) [Contribuant - 10/02/2010]
  • Economische vooruitzichten 2010-2011

    Overeenkomstig de wet van 21 december 1994 heeft het Instituut voor de Nationale Rekeningen (INR) de cijfers van de economische begroting meegedeeld aan de minister voor Ondernemen en Vereenvoudigen. Volgens de gangbare procedure heeft het Federaal Planbureau (FPB) een voorstel van economische begroting voorgelegd aan het wetenschappelijk comité en aan de raad van bestuur van het INR. Laatstgenoemde keurt de definitieve cijfers goed en draagt de eindverantwoordelijkheid. Het wetenschappelijk comité heeft een gunstig advies uitgebracht over de economische begroting.

    Deze vooruitzichten houden rekening met de jaaraggregaten die gepubliceerd werden in deel 1 van de Nationale rekeningen 2008 (‘Eerste raming van de jaarlijkse rekeningen’) en met de kwartaalaggregaten tot het eerste kwartaal van 2009.

    Economic forecasts 2010-2011 [Contribuant - 08/10/2009]
  • Regionale economische vooruitzichten 2008-2014

    Dit rapport geeft de resultaten van de regionalisering van de nationale economische vooruitzichten van het Federaal Planbureau voor de periode 2008-2014. Het is de derde studie van dat type. Net als de vorige rapporten, is dit rapport het resultaat van een samenwerking tussen het Federaal Planbureau en de studiediensten van de drie Belgische gewesten (BISA, IWEPS en SVR).

    OPHERMREG0901 [Contribuant - 05/07/2009]
  • HOGE RAAD VAN FINANCIËN - Studiecommissie voor de vergrijzing - Jaarlijks verslag

    De voorliggende publicatie is de achtste editie van het Jaarverslag van de Studiecommissie voor de Vergrijzing (SCvV), die werd opgericht in het kader van de wet van 2001 tot waarborging van een voortdurende vermindering van de overheidsschuld en tot oprichting van een Zilverfonds. Dit verslag wordt bezorgd aan de regering, aan de Afdeling “Financieringsbehoeften van de overheid” van de Hoge Raad van Financiën, aan de Centrale Raad voor het Bedrijfsleven en aan de Nationale Arbeidsraad.

    OPVERG200901 - Report [19/06/2009]
  • Economische vooruitzichten 2009-2014

    Economic outlook 2009-2014 [20/05/2009]
  • Economische begroting - Economische vooruitzichten 2009

    Overeenkomstig de wet van 21 december 1994 heeft het Instituut voor de Nationale Rekeningen (INR) de cijfers van de economische begroting meegedeeld aan de minister voor Ondernemen en Vereenvoudigen. Volgens de gangbare procedure heeft het Federaal Planbureau (FPB) een voorstel van economische begroting voorgelegd aan het wetenschappelijk comité en aan de raad van bestuur van het INR. Laatstgenoemde keurt de definitieve cijfers goed en draagt de eindverantwoordelijkheid. Het wetenschappelijk comité heeft een gunstig advies uitgebracht over de economische begroting.

    Deze vooruitzichten werden voltooid op 11 februari 2009.

    Economic forecasts 2009 (2) [Contribuant - 27/02/2009]
  • De financiering van de sociale zekerheid op lange termijn en haar gevolgen op de financiën van de federale overheid

    Deze studie behandelt de gevolgen van de verschillende financieringsmechanismen van de sociale zekerheid op de financiële houdbaarheid van de sociale zekerheid, de federale en de gezamenlijke overheid op lange termijn, rekening houdend met de verwachte budgettaire kosten van de vergrijzing. Onder die mechanismen spelen het Zilverfonds en de aanvullende alternatieve financiering van de gezondheidszorguitgaven een centrale rol. Er worden twee scenario’s gepresenteerd met betrekking tot het begrotingsbeleid. Het eerste scenario is er een bij ongewijzigd beleid. Het tweede is een genormeerd scenario waarin de vorderingensaldi van de subsectoren, vooropgesteld in het Stabiliteitsprogramma 2008-2011, en het begrotingstraject op lange termijn aanbevolen door de Hoge Raad van Financiën in haar advies van maart 2007, zouden gerealiseerd worden. De macro-economische perspectieven op middellange en lange termijn die aan beide scenario’s ten grondslag liggen, houden geen rekening met de mogelijke gevolgen van de huidige sterke vertraging van de economische groei.

    Working Paper 24-08 [23/12/2008]
  • Economische begroting 2009 - Economische vooruitzichten

    Overeenkomstig de wet van 21 december 1994 heeft het Instituut voor de Nationale Rekeningen (INR) de cijfers van de economische begroting meegedeeld aan de minister voor Ondernemen en Vereenvoudigen. Volgens de gangbare procedure heeft het Federaal Planbureau (FPB) een voorstel van economische begroting voorgelegd aan het wetenschappelijk comité en aan de raad van bestuur van het INR. Laatstgenoemde keurt de definitieve cijfers goed en draagt de eindverantwoordelijkheid. Het wetenschappelijk comité heeft een gunstig advies uitgebracht over de economische begroting.

    Deze vooruitzichten werden voltooid op 10 september 2008.

    Economic forecasts 2009 [Contribuant - 30/09/2008]
  • HOGE RAAD VAN FINANCIËN - Studiecommissie voor de vergrijzing - Advies met betrekking tot de budgettaire enveloppe 2009-2010 inzake welvaartsaanpassingen

    OPVERG200802 [17/07/2008]
  • HOGE RAAD VAN FINANCIËN - Studiecommissie voor de vergrijzing - Jaarlijks verslag

    Het voorliggend rapport is het zevende verslag dat de Studiecommissie voor de Vergrijzing (SCvV) overmaakt aan de Federale Regering, de afdeling “Financieringsbehoeften van de overheid” van de Hoge Raad van Financiën, de Centrale Raad voor het Bedrijfsleven en de Nationale Arbeidsraad, in het kader van de wet van 5 september 2001 tot waarborging van een voortdurende vermindering van de overheidsschuld en tot oprichting van een Zilverfonds.

    OPVERG200801 - Report [30/06/2008]
  • Economische vooruitzichten 2008-2013

    Economic outlook 2008-2013 [21/05/2008]
  • Welvaartsbinding van de sociale zekerheidsuitkeringen : een overzicht van de recente ontwikkelingen

    In het kader van het Generatiepact dat van kracht is sinds eind december 2005 werd een structureel mechanisme ingevoerd dat de sociale uitkeringen bindt aan de welvaartsevolutie. Het mechanisme is tweeledig en waarborgt flexibiliteit, terwijl de afwikkeling ervan toch bijzonder complex blijft. Enerzijds definieert het mechanisme een methode om de enveloppe beschikbaar voor welvaartsaanpassingen van de sociale uitkeringen te berekenen. Anderzijds voorziet het in een overlegprocedure tussen sociale partners waardoor binnen deze budgettaire enveloppe concreet invulling gegeven wordt aan de welvaartsaanpassingen. Dat mechanisme werd een eerste keer toegepast in 2006, zowel wat betreft de bepaling van de omvang van de beschikbare budgettaire enveloppe als de concrete invulling van de verhogingen van de sociale uitkeringen in 2007-2008. In de voorliggende studie bekijkt het Federaal Planbureau de toepassing van dat mechanisme en geeft een gedetailleerde analyse van deze eerste concrete toepassing.

    Working Paper 08-08 [15/04/2008]
  • Recent evolution of the welfare adjustment of social security benefits

    Social benefits are adjusted according to increases in the level of prices and are also adjusted – rather irregularly – to the general evolution of welfare. These welfare adjustments can apply to various elements of social legislation or parameters of social policy: the benefit amount, the ceilings used to calculate the benefits, etc. The Act of 23 December 2005 providing for a Solidarity Pact between the Generations establishes a structural mechanism of welfare adjustment for social benefits. The Working Paper analyses the main characteristics of the mechanism and the details of its implementation. It assesses the budgetary effects of the measures that have been taken within this framework and compares the benefit adjustments that have been carried out over recent years with wage growth. Finally, two alternative scenarios of benefit adjustment policy are examined.

    Article 2008030703 [07/03/2008]
  • Economische begroting - Economische vooruitzichten 2008

    Overeenkomstig de wet van 21 december 1994 heeft het Instituut voor de Nationale Rekeningen (INR) de cijfers van de economische begroting meegedeeld aan de minister van economie. Volgens de gangbare procedure heeft het Federaal Planbureau (FPB) een voorstel van economische begroting voorgelegd aan het wetenschappelijk comité en aan de raad van bestuur van het INR. Laatstgenoemde keurt de definitieve cijfers goed en draagt de eindverantwoordelijkheid. Het wetenschappelijk comité heeft een gunstig advies uitgebracht over de economische begroting.

    Economic forecasts 2008 (2) [Contribuant - 20/02/2008]
  • Economische begroting 2008 - Economische vooruitzichten

    Overeenkomstig de wet van 21 december 1994 heeft het Instituut voor de Nationale Rekeningen (INR) de cijfers van de economische begroting meegedeeld aan de minister van economie. Volgens de gangbare procedure heeft het Federaal Planbureau (FPB) een voorstel van economische begroting voorgelegd aan het wetenschappelijk comité en aan de raad van bestuur van het INR. Laatstgenoemde keurt de definitieve cijfers goed en draagt de eindverantwoordelijkheid. Het wetenschappelijk comité heeft een gunstig advies uitgebracht over de economische begroting. Deze vooruitzichten houden rekening met de jaaraggregaten die gepubliceerd werden in deel 2 van de Nationale rekeningen 2006 (‘Gedetailleerde rekeningen en tabellen’) en de kwartaalaggregaten tot het tweede kwartaal van 2007.

    De hypothesen in verband met de internationale omgeving zijn gebaseerd op de voorjaarsvooruitzichten van de Europese Commissie, geactualiseerd op basis van observaties tot het tweede kwartaal van 2007, de interimvooruitzichten van de Europese Commissie (gepubliceerd op 11 september) en kwartaalramingen van de wereldgoederenhandel die opgesteld werden door het Nederlandse Centraal Planbureau. De evolutie van de financiële variabelen (wisselkoersen, rentevoeten, olieprijzen) is afgeleid uit de verwachtingen van de financiële markten op 24 september. De vooruitzichten voor België werden gegenereerd aan de hand van de jaar- en de kwartaalversie van het MODTRIM-model, dat op het FPB werd ontwikkeld. Deze vooruitzichten werden voltooid op 28 september 2007.

    Economic forecasts 2008 [Contribuant - 05/11/2007]
  • HOGE RAAD VAN FINANCIËN - Studiecommissie voor de vergrijzing - Jaarlijks verslag

    OPVERG200701 - Report [27/06/2007]
  • Economische vooruitzichten 2007-2012

    Economic outlook 2007-2012 [11/05/2007]
  • HOGE RAAD VAN FINANCIËN - Advies van de Studiecommissie voor de Vergrijzing inzake de uitvoering van bepaalde aspecten van het Generatiepact.

    OPVERG200603 - Advice [20/10/2006]
  • Economische begroting 2007 - Economische vooruitzichten

    Economic forecasts 2007 [Contribuant - 12/10/2006]
  • HOGE RAAD VAN FINANCIËN - Advies van de Studiecommissie voor de Vergrijzing inzake de budgettaire enveloppe 2008 bestemd voor welvaartsaanpassingen

    OPVERG200602 - Advice [10/10/2006]
  • Economische vooruitzichten 2006-2011

    Economic outlook 2006-2011 [19/05/2006]
  • HOGE RAAD VAN FINANCIËN - Studiecommissie voor de vergrijzing - Jaarlijks verslag

    OPVERG200601 - Report [14/05/2006]
  • Economische begroting 2006 - Begrotingscontrole

    Economic forecasts 2006 C [Contribuant - 21/03/2006]
  • Economische begroting 2006 - Economische vooruitzichten

    Economic Forecasts 2006 [Contribuant - 21/10/2005]
  • HOGE RAAD VAN FINANCIËN - Studiecommissie voor de vergrijzing - Jaarlijks verslag

    Report 01-05 [14/06/2005]
  • Economische vooruitzichten 2005-2010

    Economic outlook 2005-2010 [26/05/2005]
  • Economische begroting 2005 - Begrotingscontrole

    Economic forecasts 2005 C [Contribuant - 16/03/2005]
  • Budgettaire kost van een werkloze 1987 - 2002

    Toen in de loop van de jaren ’70 de werkloosheidscijfers in de meeste industrielanden hoog opliepen, werden talrijke studies gewijd aan de kosten die dit fenomeen met zich meebrengt voor het individu, de overheid, de economie en de gemeenschap.

    Planning Paper 96 [22/10/2004]
  • Economische begroting 2005 - Economische vooruitzichten

    Economic Forecasts 2005 [Contribuant - 19/10/2004]
  • Economische vooruitzichten 2004-2009

    Economic outlook 2004-2009 [17/05/2004]
  • HOGE RAAD VAN FINANCIËN - Studiecommissie voor de vergrijzing - Jaarlijks verslag

    Report 01-04 [07/05/2004]
  • Economische begroting 2004 - Begrotingscontrole

    Economic forecasts 2004 C [Contribuant - 09/03/2004]
  • Economische begroting 2004 - Economische vooruitzichten

    Economic Forecasts 2004 [Contribuant - 15/10/2003]
  • HOGE RAAD VAN FINANCIËN - Studiecommissie voor de vergrijzing - Jaarlijks verslag

    Report 01-03 [30/05/2003]
  • Economische vooruitzichten 2003-2008

    Economic outlook 2003-2008 [26/05/2003]
  • Economische begroting 2003 - Begrotingscontrole

    Economic Forecasts 2003 C [Contribuant - 10/03/2003]
  • Economische vooruitzichten 2002-2007

    Economic outlook 2002-2007 [06/06/2002]
  • HOGE RAAD VAN FINANCIËN - Studiecommissie voor de vergrijzing - Jaarlijks verslag

    Report 01-02 [30/05/2002]
  • Verkenning van de financiële evolutie van de sociale zekerheid 2000 - 2050 : De vergrijzing en de leefbaarheid van het wettelijk pensioensysteem

    Het probleem van de financiële houdbaarheid op lange termijn van de wettelijke pensioenstelsels dook op in het Belgisch sociaal-politieke debat aan het einde van de jaren 80. De verschillende beleidsmaatregelen voor pensioenen, die tijdens de voorafgaande periode werden doorgevoerd, wijzen erop dat die bekommernis vroeger ofwel niet bestond, ofwel ondergeschikt was aan dwingende kortetermijnprioriteiten.

    Planning Paper 91 [28/03/2002]
  • Economische vooruitzichten 2001-2006

    Economic Outlook 2001-2006 [15/05/2001]
  • Economische begroting 2001

    Economic Forecasts 2001 [Contribuant - 15/07/2000]
  • Economische vooruitzichten 2000-2005

    Economic Outlook 2000-2005 [15/05/2000]
  • Economische begroting 2000 - Begrotingscontrole

    Economic Forecasts 2000 C [Contribuant - 15/03/2000]
  • Economische begroting 2000

    Economic Forecasts 2000 [Contribuant - 15/07/1999]
  • Economische vooruitzichten 1999-2004

    Economic Outlook 1999-2004 [15/04/1999]
  • Economische begroting 1999 - Begrotingscontrole

    Economic Forecasts 1999 C [Contribuant - 15/02/1999]
  • Economische vooruitzichten 1998-2003

    Economic Outlook 1998-2003 [15/04/1998]
  • Verkenning van de financiële evolutie van de Sociale Zekerheid tot 2050

    Heel wat Europese landen zullen binnenkort te lijden hebben onder de vergrijzing van de bevolking als gevolg van twee factoren: een lagere vruchtbaarheid en een hogere levensverwachting. Die twee ontwikkelingen samen zouden in de toekomst leiden tot een belangrijke toename van de afhankelijkheidscoëfficiënt van de ouderen (in België zou deze van 39 percent in 1995 oplopen tot 67 percent in 2050).

    Planning Paper 83 [01/11/1997]
  • Economische vooruitzichten 1997-2001

    Economic Outlook 1997-2001 [15/04/1997]
  • L'évolution démographique de long terme et son incidence isolée sur quelques grandeurs socio-économiques (1992-2050)

    Planning Paper 68 [02/05/1994]
  • Les perspectives d'évolution à très long terme de la Sécurité sociale (1991-2050)

    Planning Paper 66 [01/03/1994]
Please do not visit, its a trap for bots