Page Title

Publicaties

Om de transparantie en informatieverstrekking te bevorderen, publiceert het FPB regelmatig de methoden en resultaten van zijn werkzaamheden. De publicaties verschijnen in verschillende reeksen, zoals de Vooruitzichten, de Working Papers en de Planning Papers. Sommige rapporten kunnen ook hier geraadpleegd worden, evenals de nieuwsbrieven van de Short Term Update die tot 2015 werden gepubliceerd. U kunt op thema, publicatietype, auteur en jaar zoeken.

Wat bepaalt de groothandelsprijzen voor elektriciteit in een kleine, open economie? - Lessen uit de nucleaire heropstart in België [Working Paper 09-16]

Deze paper onderzoekt de impact van de sluiting en sequentiële heropstart van enkele kerncentrales op de groothandelsprijzen voor elektriciteit op de Belgische elektriciteitsbeurs met behulp van een duale methode. In de eerste benadering worden publieke hoge-frequentiemarktgegevens gebruikt om een robuust statistisch model te ontwikkelen dat wordt ingezet om het effect te onderzoeken van variaties in nucleaire elektriciteitsopwekking op de groothandelsprijzen. Het kwantificeren van dit fenomeen, ook het merit-order effect genoemd, met behulp van econometrische methodes komt neer op een geschatte prijsdaling van gemiddeld ongeveer 10 €/MWh per jaar voor een nucleaire capaciteitsverhoging van 2,5 GW. Het belang en de impact van de openheid van de Belgische markt en haar sterke afhankelijkheid van grensoverschrijdende energie-uitwisselingen komt daarbij duidelijk naar voren. Naast deze empirische benadering wordt het optimalisatie-instrument Crystal Super Grid gebruikt om de impact te becijferen van de herwonnen beschikbaarheid van kernreactoren op tal van indicatoren die het Belgische en Europese elektriciteitslandschap kenmerken. Er is een positief effect merkbaar op de algemene welvaart, het consumentensurplus en de CO2-emissies. Voor de prijzen bevestigt deze analyse het negatieve merit-order effect dat gemiddeld 3,8 €/MWh over een jaar zou bedragen. Volgens deze analyse kunnen evenwel tijdelijke uurverschillen van 30 €/MWh optreden. De paper beschrijft vervolgens de mogelijke oorzaken van de verschillen tussen de twee benaderingen.

Onze bevindingen hebben belangrijke beleidsimplicaties omdat ze aantonen dat er rekening moet worden gehouden met de neerwaartse impact van een verlengde nucleaire elektriciteitsopwekking op de groothandelsprijzen voor elektriciteit bij het herzien van (de kalender in) de wet op de kernuitstap aangezien deze de noodzakelijke overschakeling naar een koolstofarme economie kan vertragen.

De huidige groothandelsprijzen voor elektriciteit zorgen voor heel wat onrust op de Europese elektriciteitsmarkten. Te lage prijzen die te wijten zijn aan uiteenlopende factoren zoals de economische vertraging, subsidies voor elektriciteitsopwekking uit variabele energiebronnen, vrij succesvolle maatregelen op het vlak van energie-efficiëntie, lage koolstofprijzen, enz. leiden tot rendabiliteitsproblemen voor de traditionele energieproducenten. In deze paper bestuderen we een andere mogelijke bron van neerwaartse druk op de elektriciteitsprijzen, namelijk de variatie in de nucleaire elektriciteitsproductie.

Aangezien nucleaire elektriciteit wordt geproduceerd tegen relatief lage marginale kosten doen variaties in de nucleaire productie het relevante deel van de geaggregeerde aanbodcurve heen en weer verschuiven (net zoals de wisselende productie van hernieuwbare energie dat doet). Om een goed beeld te krijgen van de omvang van de prijsimpact die deze bewegingen veroorzaken, is het noodzakelijk om een ‘merit-order’-curve voor de Belgische markt op te stellen. Daarbij moet rekening worden gehouden met de grensoverschrijdende energie-uitwisselingen om de specifieke eigenheden van de Belgische markt correct weer te geven. De grote interconnectiecapaciteit van de Belgische markt en haar sterke afhankelijkheid van ingevoerde elektriciteit hebben een grote invloed op de vorm van de ‘merit-order’- curve en de variaties ervan in de tijd. In dat opzicht verschilt de analyse voor een kleine, maar vrij open markt zoals de Belgische van andere studies die toegespitst zijn op grote elektriciteitsmarkten die minder afhankelijk zijn van invoer zoals de Duitse. In het model worden bovendien bijkomende complicaties ingevoerd, evenals extra bronnen van ongecontroleerde variatie in de resultaten.

In feite kan een ‘merit-order’-curve op twee manieren worden opgesteld: via een top-down empirische benadering of via een bottom-up optimalisatiebenadering. Aangezien de equipe Energie van het Federaal Planbureau beschikt over de expertise en de instrumenten om beide methodes toe te passen, werd beslist om beide analyses uit te voeren en te werken met een duale methodologie. Nadien worden de resultaten vergeleken en de verschillen toegelicht.

In de eerste benadering worden publieke hoge-frequentiemarktgegevens gebruikt om een stabiel en robuust statistisch model te specificeren dat vraag en prijs aan elkaar koppelt. Dit model wordt vervolgens ingezet om het effect te onderzoeken van variaties in nucleaire elektriciteitsopwekking op de marktprijsresultaten. Het kwantificeren van dit fenomeen met behulp van econometrische methodes komt neer op een geschatte prijsdaling van gemiddeld ongeveer 10 €/MWh over een jaar voor een nucleaire capaciteitsverhoging van 2,5 GW.

De tweede benadering bestaat erin een scenarioanalyse uit te voeren met het optimalisatie-instrument Crystal Super Grid op basis van gedetailleerde data over de elektriciteitscentrales en het netwerk. De analyse bevestigt het negatieve merit-ordereffect voor dezelfde capaciteitsverandering die gemiddeld 3,8 €/MWh over een jaar zou bedragen. Er worden evenwel tijdelijke uurverschillen van 30 €/MWh genoteerd. Naast prijzen kan dit optimalisatie-instrument ook gebruikt worden om de impact te becijferen van de beschikbaarheid van kernreactoren op andere indicatoren die het Belgische en Europese elektriciteitslandschap kenmerken. Zo is er een positief effect merkbaar op de algemene welvaart, het consumentensurplus en de CO2-emissies.

Onze bevindingen hebben belangrijke beleidsimplicaties omdat ze aantonen dat er rekening moet worden gehouden met de neerwaartse impact van een verlengde nucleaire elektriciteitsopwekking op de groothandelsprijzen voor elektriciteit bij het herzien van (de kalender in) de wet op de kernuitstap aangezien deze de noodzakelijke overschakeling naar een koolstofarme economie kan vertragen. Vanuit een meer technisch oogpunt maken de verschillen in de resultaten van de twee beschouwde analyses de weg vrij voor verder onderzoek om een beter begrip van de prijsmechanismen te krijgen die spelen op de Belgische elektriciteitsmarkt.

  PDF & Download

  Auteurs

,
 
A : Auteur, C : Contribuant

Datum

  Publicatietype

Planning & Working Papers

Please do not visit, its a trap for bots