Page Title

Publicaties

Om de transparantie en informatieverstrekking te bevorderen, publiceert het FPB regelmatig de methoden en resultaten van zijn werkzaamheden. De publicaties verschijnen in verschillende reeksen, zoals de Vooruitzichten, de Working Papers en de Planning Papers. Sommige rapporten kunnen ook hier geraadpleegd worden, evenals de nieuwsbrieven van de Short Term Update die tot 2015 werden gepubliceerd. U kunt op thema, publicatietype, auteur en jaar zoeken.

De administratieve lasten in België voor het jaar 2004 [Planning Paper 100]

Op vraag van de ministerraad en in samenwerking met de Dienst voor Administratieve Vereenvoudiging heeft het Federaal Planbureau voor het jaar 2004 een raming gemaakt van de kosten die verband houden met de administratieve lasten die wegen op de ondernemingen en de zelfstandigen in België. De raming is gebaseerd op een nationale enquête bij een representatief aantal ondernemingen en zelfstandigen. De methodologie is dezelfde als die in de vorige enquêtes die peilden naar de administratieve lasten voor het jaar 2000 en 2002. Naast het kwantitatieve deel bevat de enquête ook een belangrijk kwalitatief luik, waarin de mening van de zelfstandigen en de ondernemingen over de problematiek van administratieve lasten aan bod komt.

De administratieve lasten die wegen op de ondernemingen in 2004 worden geraamd op 4,9 miljard euro of 1,7 % van het bbp. Voor de zelfstandigen worden zij geschat op 2,4 miljard euro of 0,8 % van het bbp. In vergelijking met de enquête van twee jaar geleden blijkt uit de resultaten voor 2004 dat de totale kosten van de administratieve lasten dalen, zowel voor de ondernemingen als voor de zelfstandigen, wat uitsluitend toe te schrijven is aan de verlaging van de interne kosten van die lasten. Als percentage van het bbp daalt het relatieve gewicht van de administratieve lasten die wegen op de ondernemingen en de zelfstandigen van 3,5 % in 2000 naar 3,4 % in 2002 en tot 2,6 % in 2004. Toch dient er aangestipt te worden dat het om een raming gaat die een grootteorde weergeeft en geen exact cijfer van het gewicht van de administratieve lasten, zoals de omvang van de betrouwbaarheidsintervallen van de resultaten illustreert.


Zowel voor de ondernemingen als de zelfstandigen wordt het grootste deel van de totale kosten gegenereerd door de fiscale regelgeving, met een toename van dit aandeel voor de ondernemingen tussen 2002 en 2004, na een afname tussen 2000 en 2002. Voor de zelfstandigen daalt het gewicht van elke enquête. Het gewicht van de administratieve lasten inzake tewerkstelling neemt toe bij de ondernemingen tussen 2002 en 2004, terwijl dit stabiel bleef over de periode 2000-2002. In absolute waarden liggen die twee domeinen evenwel aan de oorsprong van de daling van de administratieve lasten over de bestudeerde periode. De administratieve kosten inzake milieu tenslotte, genereren het kleinste deel van de totale kosten, zowel voor de ondernemingen als voor de zelfstandigen.


Voor de twee gemeenschappelijke domeinen vermelden ondernemingen en zelfstandigen dezelfde administratieve formaliteiten als het meest tijdrovend. Op fiscaal vlak beschouwt de meerderheid van de ondernemingen en de zelfstandigen de btw als de meest tijdverslindende bezigheid. De administratieve verplichtingen inzake personenbelasting, rechtspersonen- en vennootschapsbelasting komen op de tweede plaats. Inzake milieu nemen de verplichtingen die onder de gewestelijke milieubevoegdheden vallen het meeste tijd in beslag, gevolgd door de formaliteiten die onder de lokale bevoegdheden vallen. Tot slot zijn bij de ondernemingen de formaliteiten rond lonen en bijdragen de verplichtingen die het meest tijd in beslag nemen voor de tewerkstellingsadministratie.


Zoals in de vorige enquêtes lijken de administratieve lasten zwaarder te wegen op kleine ondernemingen, ongeacht of het gewicht van de lasten gemeten wordt in percentage van de omzet of per werknemer. Maar met gemiddelde kosten per werknemer en per jaar die geschat worden op iets minder dan 6 000 euro, laten de kleine ondernemingen wel de grootste daling van het relatieve gewicht aan administratieve lasten optekenen. De gemiddelde kosten bij de zelfstandigen vertonen ook een dalende trend, maar blijven onder de gemiddelde kosten per werknemer bij kleine ondernemingen. Het verschil tussen beiden, convergeert echter in de loop der jaren.


Op regionaal niveau lijken de Waalse ondernemingen en Vlaamse zelfstandigen de hoogste gemiddelde administratieve kosten te ervaren. De gemiddelde kosten per werknemer zijn gedaald in de drie gewesten, maar het Vlaams Gewest kent proportioneel gezien de grootste daling. Enkel het Waals Gewest vertoont in 2004 gemiddelde kosten per werknemer die hoger liggen dan de gemiddelde kosten per werknemer in 2000. Eenzelfde dalende trend wordt waargenomen bij de gemiddelde kosten voor de zelfstandigen.


Naast het kwantitatieve luik, bevat de enquête ook een belangrijk kwalitatief luik waarmee de mening van de ondernemingen en de zelfstandigen over de problematiek van de administratieve lasten en over het vereenvoudigingsproces kan weergegeven worden.


In tegenstelling tot de berekende cijfers, komt uit de drie enquêtes naar voren dat de zelfstandigen en de ondernemingen voor de overgrote meerderheid eensgezind van mening zijn dat het gewicht van de administratieve lasten voor elk regelgevingsdomein (sterk) steeg tijdens de voorgaande twee jaar. Terwijl het aantal ondernemingen, die meenden dat dit van toepassing was op het fiscale luik, afnam van enquête tot enquête, behouden de zelfstandigen meer hun vroegere houding hierover.


Een vaststelling die in de drie enquêtes zowel bij de ondernemingen als bij de zelfstandigen naar voor komt, is dat men in het algemeen meer tevreden is over de kwaliteit van de contacten met de betrokken administratie dan over de regelgeving op zich. Voor alle regelgevingsdomeinen zijn de ondernemingen en de zelfstandigen relatief tevreden over de openbaarheid van de regelgeving. Ze hebben allebei het meest kritiek op het gebrek aan flexibiliteit van de regelgevingen, wat betekent dat de regelgeving niet in alle omstandigheden kan worden toegepast. Uitzondering hierop is de fiscale regelgeving voor de ondernemingen. De zelfstandigen onderstrepen ook de moeilijkheidsgraad van de fiscale reglementering. Voor de ondernemingen boekt de fiscaliteit constante verbeteringen zowel op het vlak van de kwaliteit van de regelgeving als op het vlak van de kwaliteit van de contacten met de bevoegde administratie. Over de volledige periode is er bij de zelfstandigen geen duidelijke trend waar te nemen in verband met de kwaliteit van de regelgeving. Maar van de ene enquête op de andere is er een algemene afnemende tevredenheid bij de zelfstandigen over hun contacten met de milieuadministratie, terwijl de tevredenheidsgraad over de contacten met de fiscale administratie stabiel blijft of groeit.
De kennis van de vereenvoudigingsdossiers, die ter beoordeling aan de ondernemingen en de zelfstandigen worden voorgelegd, is afhankelijk van de grootte van de onderneming: kleine ondernemingen kennen de dossiers minder goed dan de grote ondernemingen. De zelfstandigen, en dan vooral diegenen uit de landbouwsector, kennen de dossiers minder goed dan de ondernemingen. Het meest bekende dossier bij de ondernemingen en de zelfstandigen is het veralgemeend gebruik van het ondernemingsnummer en de kbo, de Kruispuntbank van Ondernemingen. Voor de ondernemingen is Dimona daarnaast het meest bekende dossier, terwijl de landbouwers het meest vertrouwd zijn met Tax-on-web.


Dimona en het veralgemeend gebruik van het ondernemingsnummer en de kbo, zijn de meest gebruikte dossiers bij de ondernemingen, in het bijzonder bij de middelgrote en grote ondernemingen. De tevredenheidsgraad over beide vereenvoudigingen is algemeen hoog, ook al zijn de ondernemingen nog meer tevreden over de afschaffing van de visumplicht en papieren boekhouding en de vermindering van de publicatieverplichtingen en de vereenvoudiging van de oproep tot een algemene aandeelhoudersvergadering. De elektronische toepassingen met betrekking tot de fiscale regelgeving worden door de ondernemingen vaak als minder goed geëvalueerd dan de toepassingen inzake tewerkstelling. Dat blijkt uit een vergelijking van de zwakke tevredenheidsscore voor Tax-on-web met de hoge score voor Dimona.


Ook de zelfstandigen zijn zeer tevreden over het veralgemeend gebruik van het ondernemingsnummer en de kbo. De tevredenheidsgraad over de overige voorgestelde maatregelen is zeer specifiek per activiteitensector.
Tot slot zien we wat de vereenvoudigingsvoorstellen betreft die ter evaluatie werden voorgelegd, dat de ondernemingen prioritair het project steunen dat de statistieken vermindert en vereenvoudigt. De zelfstandigen hechten het meest belang aan het project voor de vereenvoudiging van vergunningsverplichtingen.

  Beschikbare gegevens

None

  Thema's

  JEL

None

  Keywords

None

  PDF & Download

  Auteurs

Lies Janssen (A), , Frédéric Verschueren (A)
 
A : Auteur, C : Contribuant

Datum

  Publicatietype

Planning & Working Papers

Please do not visit, its a trap for bots